Vieringen

Integriteit

SAN SALVATORGEMEENSCHAP
DATUM: 17 februari 2019
THEMA:   Integriteit
VOORGANGER:- ds. Erica Scheenstra

OPENINGSLIED: Dat woord waarin ons richting werd gegeven

WELKOM
Hartelijk welkom in deze viering! Welkom aan iedereen voor wie de San Salvator een thuis is. Welkom ook aan de gasten van vandaag. Welkom aan iedereen die de dienst later naleest op internet. Ik ben hier vandaag voorganger en gast, en tegelijk voelt het als thuis.
Want vanuit de Protestantse Gemeente ’s-Hertogenbosch en het Beraad van Kerken hebben we hartelijke contacten, die maken dat het zo vertrouwd voelt.
Vandaag gaat het over integriteit. Dé plek om dat te overdenken en te oefenen is de kerk. Hoe betrouwbaar ben je? En: durf je jezelf te vertrouwen?

Lees meer →

Integriteit?

SAN SALVATORGEMEENSCHAP / DATUM zaterdag 16 februari 2019

THEMA: Integriteit?

Voorgangers Marga van de Koevering en Wilton Desmense                      Lector Ria van Luijk

OPENINGSLIED: Als woorden kunnen duiden

WELKOM

Hartelijk welkom allemaal. Fijn dat we hier weer bij elkaar zijn, deze avond, voor de woorden, het zingen en de stilte: fijn dat we die samen mogen beleven.
Morgen gaat dominée Erica Scheenstra voor in de viering, die als thema heeft “Integriteit”. Zullen wij daar vanavond ook iets mee hebben? Op het moment dat ik dit neerschreef, kon ik dat nog niet zeggen. De viering van zondag was woensdag nog niet ter beschikking. Toen kwam de viering, waarin Gepke elders zondag voorgaat, op mijn pad. Dankbaar heb ik gebruik gemaakt van vele elementen daaruit. Zo is er iets eigens ontstaan voor deze samenkomst. Hopelijk zal het ons inspireren.

GEBED

Wij bidden: Mogen hier woorden klinken die zinvol zijn om te horen, mogen ze ons hart wenden naar wat wij erkennen als een boodschap die goed voor mensen is, moge wat eeuwen her begonnen is, ons nog steeds richting geven.

ACCL.: Wat eeuwen her begonnen is

 INLEIDING OP DE LEZINGEN

Morgen zal hier een andere eerste lezing klinken, van de profeet Jeremia. Vanavond horen wij een gedeelte uit het boek Ester. Het is een kort boek uit het Oude Testament. Ik heb het deze week gelezen: een spannend boek, maar als je dat uit hebt, dan blijf je toch wel met de nodige vraagtekens zitten.
In het verhaal uit Ester komt het woord God niet voor! God lijkt er niet toe te doen. Als het leven zwaar is, lijkt God afwezig, ongeïnteresseerd, onbestaanbaar. Maar als de zon weer door mag breken, lijkt Hij er al die tijd toch toe te hebben gedaan! In het boek Ester dreigen de joden te worden uitgeroeid, maar in hoge nood komt er redding. Dat doet denken aan het lied van Maria, haar Magnificat, over machtigen die van de troon worden gestoten. En ook aan de woorden van de Evangelielezing van vandaag: “Gelukkig ben je als je arm bent, hongerig of verdrietig. Streef naar het land, nu nog voorbij de horizon, waar het goed zal zijn voor iedereen.”

Een samenvatting van wat voorafging

Tijdens de ballingschap van het Joodse volk in Babylon waren een aantal Joden gedeporteerd naar Perzië. Daar heerste koning Ahasveros. Zwaar beledigd door zijn vrouw stuurde hij haar weg. Hij koos daarop een nieuwe vrouw uit: zij heette Ester. De koning wist niet dat zij joods was. Omdat haar ouders gestorven waren, was zij grootgebracht door haar oom Mordechai.
Nu werkte er in het paleis een zekere Haman. De koning benoemde hem tot de belangrijkste van zijn ministers. Iedereen moest voor hem buigen en knielen. Mordechai weigerde dat echter, zeggende: “Ik kniel niet voor Haman, omdat ik een Jood ben.” Haman vernam dat en werd woedend. Hij wenste Mordechai dood. En toen hij hoorde dat Mordechai een Jood was, wilde hij dat alle Joden in heel Perzie gedood zouden worden. Hij wist de koning zover te krijgen dat die daarmee instemde. De uitvoering van het besluit zou enkele maanden later plaatsvinden op een vastgestelde dag.
In die tussentijd ontdekte en verijdelde Mordechai een complot tegen het leven van de koning. Deze werd hiervan wel op de hoogte gesteld, maar vergat vooralsnog zijn dankbaarheid daarvoor te tonen. Mordechai spoorde intussen zijn pleegdochter, koningin Ester, aan voor de Joden te gaan pleiten bij de koning. En Ahasveros viel voor haar schoonheid en charmes.

Tussenacclamatie: De wijze woorden (1e couplet)

EERSTE LEZING Ester 7,1-8,2 (Bible Gateway)

De koning en Haman zaten aan bij het diner bij Esther. Nadat de wijn was ingeschonken, vroeg de koning opnieuw: “Welk verzoek heb je, koningin Esther? Wat wil je? Ja, wat het ook is, ik zal het je geven, zelfs al was het mijn halve koninkrijk!” Eindelijk kwam de koningin met haar vraag voor de dag: “Als u mij een gunst wilt bewijzen, koning, en als het uwe majesteit behaagt, red dan mijn leven en dat van mijn volk! Want mijn volk en ik zijn verkocht om uitgeroeid te worden. Als wij als slaven verkocht waren, dan had ik misschien gezwegen, want dat zou uw belangen niet geschaad hebben.” “Waar heb je het over?”, vroeg de koning verbaasd. “Wie durft het in zijn hoofd te halen jou iets aan te doen?”  “Daar zit de schurk,” antwoordde Esther, “Haman is de vijand die ons bedreigt!” Haman werd bleek van angst, toen hij hun gezichten zag. Woedend sprong de koning van tafel op en liep de tuin in. Haman bleef achter om de koningin te smeken zijn leven te redden, want hij wist dat hij ten dode opgeschreven was. Hij viel neer op het rustbed waarop koningin Esther lag, juist op het moment waarop de koning uit de paleistuin terugkwam. “Wat?”, bulderde de koning. “Durf je ook nog de koningin in mijn paleis, onder mijn ogen aan te randen?” Nadat de koning de beschuldiging had uitgesproken, bedekte men Hamans gezicht.
Harbona, een van de hofleden, zei: “Majesteit, Haman heeft juist een twintig meter hoge galg laten bouwen. Daaraan wilde hij Mordechai ophangen, de man die uw leven heeft gered! De galg staat bij Hamans huis.”  “Hang Haman daaraan op”, beval de koning. Zo vond Haman de dood aan de galg die hij voor Mordechai had gebouwd. Toen nam de woede van de koning af.
Diezelfde dag schonk koning Ahasveros alle bezittingen van Haman, de jodenhater, aan koningin Esther. Mordechai werd bij de koning geroepen, want Esther had de koning verteld dat hij haar neef en pleegvader was. De koning deed zijn zegelring af, die hij van Haman had teruggenomen. Hij gaf deze aan Mordechai en Esther stelde hem aan als beheerder van Hamans bezittingen.

 LIED: Ik zing van ganser harte voor de Heer

TWEEDE LEZING Lucas 6,17-26 (Bijbel in G.T.)

Samen met zijn twaalf apostelen ging Jezus de berg weer af. Hij bleef staan op een veld. Daar waren veel van zijn leerlingen bij elkaar gekomen. Er was ook een grote groep andere mensen. Die kwamen uit alle delen van Judea, uit Jeruzalem en ook uit het gebied bij Tyrus en Sidon.
Jezus keek zijn leerlingen aan en zei: “Het echte geluk is voor mensen die arm zijn. Want voor hen is Gods nieuwe wereld. Het echte geluk is voor mensen die nu honger hebben. Want zij zullen veel te eten krijgen. Het echte geluk is voor mensen die nu huilen. Want zij zullen lachen.
Het echte geluk is voor jullie. Jullie zullen het moeilijk hebben, omdat je bij mij hoort. Misschien wordt je gehaat of weggestuurd. Misschien schelden de mensen je uit of bespotten ze je. Dat is vroeger ook gebeurd met de profeten. Als dat met jullie gebeurt, moet je blij zijn en vrolijk. Want jullie krijgen een grote beloning in de hemel.
Maar het loopt slecht met je af, als je rijk bent. Want dan heb je het nu goed, maar straks niet meer. Het loopt slecht met je af, als je nu heel veel te eten hebt. Want dan zul je straks honger hebben. Het loopt slecht met je af, als je nu lacht. Want dan zul je straks verdriet hebben en huilen. Het loopt slecht met je af, als iedereen goede dingen over je zegt. Dan ben je net als de valse profeten: daar zeiden ze vroeger ook altijd goede dingen over.”

ACCL.: Het woord dat ik jou geef

 OVERWEGING

Ester had een groot risico genomen door uit eigen beweging naar de koning te gaan. Dat was gevaarlijk! De koning vond dat hij als man de baas was over zijn vrouw en als koning over al zijn onderdanen. Ester wist wat er met haar voorgangster gebeurd was, toen zij tijdens een feest weigerde om zich te laten bekijken door een dronken koning en andere dronken mannen.
Maar de koning laat zich door haar charmes betoveren, inpalmen en zo komt uiteindelijk na een behoedzame voorbereiding het hoge woord eruit: Haman wil ons volk (ja, koning, ik ben een joodse) uitroeien!
Misschien herkent u die behoedzaamheid. Als het erop of eronder is, komt het nauw wat je doet. Het mag niet mislukken. Maar ook in situaties waarin mensen uit hun evenwicht zijn, komt het heel precies wat je zegt. Je wilt het niet nog moeilijker voor hen maken. Of wanneer je echt kritiek op iemand moet leveren. Hoe zeg je het zo, dat de ander niet dichtklapt, maar er ook iets mee kan. Ester had de koning gunstig weten te stemmen door hem samen met Haman te onthalen op een feestelijke maaltijd. En na het succes daarvan deed zij dat nogmaals. Toen ze die tweede keer begon te praten, gaf ze eerst de koning alle eer. Daarna zei ze: “Als wij Joden als slaven verkocht zouden worden, dan had ik de koning niet lastig gevallen. Slaven waren we in Egypte, totdat God ons bevrijdde. Maar nu dreigt de complete uitroeiing van het Joodse volk. Laat dat niet gebeuren. Houd ons in leven.”
De gehoorzame Ester geeft gehoor, maar aan een andere stem dan die van de koning. Zij luisterde naar de stem van haar pleegvader Mordechai: “Misschien ben jij niet voor niets koningin geworden!” Of was het ook een andere stem, de stem van Hem, Wiens naam soms onuitspreekbaar blijft? Je voelt heel diep van binnen dat je moet doen wat op jouw pad komt en waarvoor jij de mogelijkheden hebt. Jij bent er niet voor niets. Het kan iets kleins zijn, maar ook iets wat het leven van jezelf of anderen grondig verandert. Ester moet het kwaad bij de naam noemen. Het is belangrijk er niet je ogen voor te sluiten. Hier betreft het het kwaad van een macht die geen tegenspraak duldt, waarvoor iedereen moet buigen en knielen. Haman die een heel volk aanziet op iets wat hem niet bevalt aan één man. Zo iemand als Haman die zegt: “Dat jij het slecht hebt komt door…..: zij hebben je baan, je huis afgepakt. Die anderen zijn slecht: ze houden zich aan geen enkele wet. Ze zijn gevaarlijk, ze nemen de macht over. Straks zijn zij hier de baas. Weg met hen!” Als er zoiets verschrikkelijks dreigt, kun je niet wegkijken. Ester benoemt het kwaad en noemt de naam van de aanstichter: “Die meedogenloze vijand, dat is die ellendeling daar, Haman!” De koning staat eigenlijk in zijn hemd: achteloos had hij de macht uit handen gegeven aan Haman. En niets had hij gemerkt van de angst in zijn paleis, stad en land. Niet meer door Haman, maar nu door Ester ingepalmd laat hij Haman oppakken en terechtstellen. De zwakkeren hebben bescherming gevonden. Wat een happy end, die omkering.
Dit verhaal van bevrijding doet zo denken aan al die andere bevrijdingsverhalen: verhalen over God, verhalen over mensen die opstonden toen ze een stem hadden gehoord. Een  stem die nog altijd klinkt. Mensen die altijd weer opstaan. “Zalig”, zegt Jezus, “de hongerigen, want zij zullen gevoed worden. Zalig de armen, want voor hen is Gods nieuwe wereld.” Kijkt God een andere kant op? Doet Hij niets tegen het kwaad? Zijn er nooit mensen  die protesteren tegen onrecht en hun best doen om er een eind aan te maken?
Dat mogen wij laten zien. Een omgekeerde wereld, daar word je gelukkig van.

GELOOFSLIED: Zijn woord wil deze wereld omgekeerd

VOORBEDEN

Moge de wereld omgekeerd worden voor hen die arm zijn, de bedelaars van deze wereld.

Moge de wereld omgekeerd worden voor hen die nu honger hebben, de slachtoffers van klimaatgrillen en machtsstrijd.

Moge de wereld omgekeerd worden voor hen voor wie het leven duister is, getroffen door verdriet, door geestelijke nood.

Wij bidden speciaal voor hen die ons zeer nabij zijn, waar zij ook zijn, en die zich getroost weten door onze aandacht.

ACCL.: Wees hen nabij

TAFELGEBED: Gij die weet wat in mensen omgaat

ONZE VADER

eindigend met accl.: Want van U is de toekomst

VREDESWENS 

LIED: Maak mij tot een bedding van Uw vrede

BREKEN EN DELEN

INSTRUMENTAAL: Jerusalaim

GEBED

God van licht en leven, schenk ons uw Geest.
Breng de oude woorden tot leven, opdat wij zien, waar er kwaad gebeurt,
waar het leven wordt bedreigd.
Houd ons dat visioen voor ogen van een wereld waarin het kwaad is uitgebannen,
waar er recht wordt gedaan aan mensen, waar er vrede heerst en liefde tussen mensen.
Schenk ons de moed om te zeggen wat gezegd moet worden, om te doen wat moet worden gedaan.

MEDEDELINGEN

SLOTGEDACHTE

Voor alles is er een tijd, keer om, keer om, keer om.
Een tijd van einde en van nieuw begin, een tijd van verlies en een tijd van gewin,
van weemoed en van frisse gedachten, van aanpakken en van niet langer wachten.
Keer om en geef, geef om.

GEZAMENLIJKE ZEGEN

In de geest van deze viering gaan wij vanhier.
Wij bidden bemoediging mee te krijgen van elkaar en van de woorden die wij hier hoorden.
Mogen die ons inspireren, in de naam van Die wij noemen: Vader, Zoon en Heilige Geest.
Amen.

SLOTLIED: Jij leert mij vliegen

Gooi je netten uit

San Salvator Gemeenschap: 10 februari 2019. 

Thema: Gooi je netten uit

Voorganger:  Tony de Meulder
Lectoren: Dorine Broekmeulen en Marleen Postma

OPENINGSLIED: Onstilbare tonen

Lees meer →

Wie ben ik dan?

San Salvator Gemeenschap   2/3 februari 2019.      Zang: Cantorij
Voorganger: Maria van den Dungen                             Thema: Wie ben ik dan?     

 

 

OPENINGSLIED: … Dit huis is een huis / Vrede voor jou

 Welkom

Iedereen die hierheen is gekomen, bekend of onbekend: van harte welkom, om een uur de hectiek van alledag los te laten en wat rust en bezinning te delen.

De dagen worden merkbaar langer en er is meer licht tot vreugde van bijna iedereen.  Het is 40 dagen na Kerstmis, 2 Februari, feest van Maria-Lichtmis.
Volgens joodse wetten moet de moeder 40 dagen na de geboorte een reinigingsritueel ondergaan in de tempel en het kind aan God worden opgedragen. Op Maria-Lichtmis werden traditioneel kaarsengewijd en een kaarsenprocessiegehouden vóór de mis; vandaar de naam Lichtmis. Met dit feest wordt de kerstperiode definitief afgesloten. We zullen zelf het licht verder moeten dragen.

De evangelielezingen gaan al over het volwassen leven van Jezus. Vandaag komt hij terug in Nazareth en zijn bezoek aan de synagoge is geen groot succes.
Maar laat ons eerst maar ruimte maken in onszelf.

Drempelgebed:

Samen hier bijeen
worden we stil
om ruimte te maken voor jou

Samen hier bijeen
maken we ons voor even los
van wat ons ketent en op ons drukt

Samen hier bijeen
stellen we ons open
voor een vleugje wind
waarmee we verder mogen gaan

van Douwe Hettema

Acclam: Wek mijn zachtheid weer /Eeuwige, onzienlijke
Lees meer →

Durf je?

THEMA: Durf je?
DATUM: 27 januari 2019

Voorganger: Ard Nieuwenbroek

 OPENINGSLIED: Hier wordt een huis voor God gebouwd

 WELKOM

Wat fijn dat jullie er allemaal zijn! Zo vanzelfsprekend. Zo vertrouwd. Dat zal nog niet zo zijn voor jou die hier vandaag voor het eerst aanwezig is. Voor iedereen geldt: van harte welkom. Uitgenodigd om hier vanmorgen een plek te vinden waar je inspiratie vindt. Waar we het leven vieren, ook al valt dat soms niet mee. Verzwaard met zorgen om anderen of om jezelf. Het mag er hier allemaal zijn.

Het thema vandaag is: Durf je? Ik ben eigenlijk wel benieuwd wat deze vraag bij iedereen van tevoren opgeroepen heeft. Misschien heb je al nagedacht over deze vraag vanuit jouw eigen situatie. En om misverstanden te voorkomen: vandaag gaan we het niet hebben over stoer doen of flink zijn. We gaan geen mentale fitness beoefenen. Om alvast een tipje van de sluier te lichten: vanochtend verkennen we hoe we in sociale acties trouw durven zijn aan onszelf en de waarden en normen die we koesteren. Die vraag kwam bij me boven na lezing van het Evangelie van vandaag, waarin Jezus vol durf getuigt waarvoor hij staat.

Laten we vanmorgen een goede start maken door eerst samen in de stilte contact zoeken met de bron van leven.

Lees meer →

Viering De hemel spreekt: in jou vind ik vreugde

Thema: De hemel spreekt: in jou vind ik vreugde!
Datum: 12 en 13 januari 2019
Voorganger: Franneke Hoeks

Met medewerking van Melodiek o.l.v Hans Waegemakers
Piano: Coby Wagemans     Fluit Maria Werrner

OPENINGSLIED Za / Zo De vreugde voert ons naar dit huis

Lees meer →

Voor heel de wereld

Het begint klein | Voor heel de wereld
Voorganger: Gepke Kerssen
Lectoren: Anthoon van Budel en Annette Beelen
Koor: de Cantorij

Openingslied:  Comt verwondert u

Welkom
Welkom aan mensen die op zoek zijn naar wat het leven betkenis geeft, op zoek naar licht dat ons tegemoet straalt uit een pasgeboren kind.
Vandaag is het Driekoningen.
We lezen opnieuw het Kerstverhaal, maar nu niet over herders die in de buurt waren, maar over mensen van buiten Israël, drie mensen die de leiders van hun land raad gaven op grond van de stand van de sterren. We zijn hen drie koningen gaan noemen, of de wijzen uit het oosten.
In de tekst van Jesaja lezen we ook over mensen overal vandaan die met geschenken naar Jeruzalem komen. Dat is een oude droom in Israël: over het licht dat vanuit Jeruzalem naar alle volken schijnt, het licht van God.
Het begint klein, bij een pasgeboren kind, bij drie koningen, maar het is bestemd voor heel de wereld.
Het goede nieuws dat er licht komt, komt niet uit paleizen en regeringsgebouwen, maar  uit kleine huisjes, waar mensen naamloos, kwetsbaar en weerloos door het leven gaan, maar aangeraakt door het licht, samen onweerstaanbaar zijn.
Dat wij zulke mensen mogen zijn.

Openingsgebed

Bron van ons leven
Wijs ons de weg met uw licht
Open onze ogen
voor wat klein is
maar zo kostbaar
Open ons hart
voor wat liefde brengt

Na openingsgebed: Bij u is de bron van het leven

Inleiding op de eerste lezing
Het volk is teruggekeerd na de ballingschap, maar Jeruzalem ligt in puin, de tempel is verwoest.
Dan klinkt de stem van de profeet die licht ziet voor Jeruzalem, hemels licht, dat volkeren uit de hele wereld naar de stad toetrekt.

Jesaja 60,1-­‐6
Sta op en schitter, je licht is gekomen,
over jou schijnt de luister van de HEER.
Duisternis bedekt de aarde
en donkerte de naties,
maar over jou schijnt de HEER,
zijn luister is boven jou zichtbaar.
Volken laten zich leiden door jouw licht,
koningen door de glans van je schijnsel.
Open je ogen, kijk om je heen:
ze stromen in drommen naar je toe;
je zonen komen van ver,
je dochters worden op de heup gedragen.
Je zult stralen van vreugde als je het ziet,
je hart zal van blijdschap overslaan.
De schatten van de zee zullen je toevallen,
de rijkdom van vreemde volken valt je in de schoot.
Een vloed van kamelen zal je land overspoelen,
jonge kamelen uit Midjan en Efa.
Uit Seba komen ze in groten getale,
beladen met wierook en goud.
Zij verkondigen de roemrijke daden van de HEER.

Zingen: Liefde, dal van liefde

Evangelielezing:
Matteüs 2,1-­12
Toen Jezus geboren was in Betlehem in Judea,
tijdens de regering van Herodes,
kwamen er magiërs uit het Oosten in Jeruzalem aan.
Ze vroegen: ‘Waar is de pasgeboren koning van de Joden?
Wij hebben namelijk zijn ster zien opgaan
en zijn gekomen om hem eer te bewijzen.’
Koning Herodes schrok hevig toen hij dit hoorde,
en heel Jeruzalem met hem.
Hij riep alle hogepriesters en schriftgeleerden van het volk samen
om aan hen te vragen waar de messias geboren zou worden.
‘In Betlehem in Judea,’ zeiden ze tegen hem,
‘want zo staat het geschreven bij de profeet:
“En jij, Betlehem in het land van Juda,
bent zeker niet de minste onder de leiders van Juda,
want uit jou komt een leider voort
die mijn volk Israël zal hoeden.”’
Daarop riep Herodes in het geheim de magiërs bij zich;
hij wilde precies van hen weten wanneer de ster zichtbaar geworden was,
en stuurde hen vervolgens naar Betlehem met de woorden:
‘Stel een nauwkeurig onderzoek in naar het kind.
Stuur mij bericht zodra u het gevonden hebt,
zodat ook ik erheen kan gaan om het eer te bewijzen.’
Nadat ze geluisterd hadden naar wat de koning hun opdroeg, gingen ze op weg, en nu ging de ster die ze hadden zien opgaan voor hen uit,
totdat hij stil bleef staan boven de plaats waar het kind was.
Toen ze dat zagen, werden ze vervuld van diepe vreugde.
Ze gingen het huis binnen en vonden het kind met Maria, zijn moeder.
Ze wierpen zich neer om het eer te bewijzen.
Daarna openden ze hun kistjes met kostbaarheden
en boden het kind geschenken aan: goud en wierook en mirre.
Nadat ze in een droom waren gewaarschuwd
om niet naar Herodes terug te gaan,
reisden ze via een andere route terug naar hun land.

Zingen: Kind ons geboren

Overweging
Veel mensen zijn op zoek naar waar het echt om gaat in het leven.
Kun je dat vinden in de kerk?
“Ik heb geen dromen” zegt ze, maar ook “ik zou wel iets voor vluchtelingen willen doen”. Ze heeft geen tijd, drukke baan en een dochter om in haar eentje voor te zorgen. Geen dromen, maar ze zit wel in de kerstnachtdienst.
Anderen komen voor het eerst weer naar kerk, de Bethelkapel in Den Haag, omdat daar iets bijzonders gebeurt. Juist daar waar het zo moeilijk is, willen mensen de hoop levend houden.

Mensen op zoek naar waar het echt om gaat in het leven zo zie ik de drie koningen.
Magiërs zijn het. Ze kijken naar de sterren en als daar iets bijzonders is te zien, dan heeft dat betekenis voor het wereldgebeuren. Op grond daarvan geven ze adviezen aan de leiders van hun land.
Ze zien een heel bijzondere ster. Als het licht uit de tekst van Jesaja. Licht dat mensen uit de volkeren naar Jeruzalem brengt, beladen met geschenken.

En daar zijn ze. Drie koningen, gekomen naar Jeruzalem. De stad waar nu weer een tempel staat, die door koning Herodes herbouwd is.
De drie koningen komen aan bij de koning in Jeruzalem. Als er in Jeruzalem iets gebeurt dat de wereldgeschiedenis verandert, dan moet dat wel door een nieuwe koning zijn.
Waar is de pasgeboren koning van de joden?

Koning Herodes schrikt en met hem heel Jeruzalem.
Want Herodes regeert dan wel het joodse volk, hij is niet de koning van de joden, maar in dienst van de Romeinen. En heel Jeruzalem buigt voor de Romeinen. Je hebt een goed leven als je je voegt naar hun regels. Er staat zelfs een tempel, er wordt theologie beoefend, zolang dat maar niet  in strijd is met de Romeinse wetten.
Daarom schrikt Jeruzalem: een koning van de joden brengt hun comfortabele leven in gevaar. Stel je voor, een koning die er echt is voor alle mensen.
Koning Herodes begrijpt dat die nieuwe koning met God te maken moet hebben en roept daarom alle theologen bij elkaar. Waar zou de Messias, de koning die door God wordt aangesteld, geboren worden?
De theologen geven aan wat er in de boeken staat: in Betlehem.

Maar opnieuw zie je hoe de theologie nauw is verbonden met de politiek.
Deze theologen zijn geen gelovigen in het goede nieuws, zelfs geen zoekers naar wat waar is.
Ze blijven zitten, waar ze goed zitten.
De ware wijzen zijn de drie magiërs, de wijzen uit het oosten.
Zij blijven dromen van verandering, zij gaan op zoek.

We zien het vaker in de bijbel: dat mensen buiten de geloofsgemeenschap beter zien waar het om gaat. Meer vertrouwen op het licht.
Verhalen als dit verhaal houden ons een spiegel voor: Zien wij het licht? Zien wij waar het leven goed is? Zijn wij mensen die licht brengen?

Hij reed mee met We komen ze halen, om vluchtelingen op te halen in Griekenland. Hij zegt: “ Die vluchtelingen zitten daar maar op de Griekse eilanden. We hebben een systeem gecreëerd, een monster. Niemand wil  de verantwoordelijkheid dragen.”
Ik moet denken aan Tjeenk Willink, die schrijft hoe we met onze systemen onze democratie hebben uitgehold. In een goede democratie beschermt de overheid de rechten van de burgers.
Maar de democratie is uitgehold geraakt. Het recht op goed en eerlijk betaald werk, goede huisvesting en zorg met aandacht voor de hele mens, staat onder druk.
Het contact met de burger is verwaarloosd, politiek en wetenschap zijn vervlochten geraakt met het bedrijfsleven. De overheid ziet zichzelf als een bedrijf, werkt als een bedrijf, in plaats van hoeder te zijn van de rechten van de burgers. Zorg, onderwijs en rechtspraak worden afgerekend op meetbare resultaten. Aandacht voor het klimaat kan alleen als dat niet slecht is voor het bedrijfsleven.
Maar ook: Burgers lieten te veel over aan de overheid.

Als enkeling verlies je het van de macht van de overheid en het bedrijfsleven.
Maar samen sta je sterker. Burgers beginnen zich te organiseren.
Eén van de deelnemers aan wij gaan ze halen zei: “Niks doen is voor mij geen optie”; een ander zegt: “Ik kan niet langer wegkijken.”
Een flink aantal mensen neemt deel aan de vieringen in de Bethelkerk, om te voorkomen dat de familie wordt uitgezet naar Armenië.
Er is het burgerinitiatief van de inwoners van Kloosterburen en Kleine Huisjes, wat een prachtige naam, als je denkt aan dat kleine huisje in Betlehem. Burgers regelen zelf de zorg voor kwetsbare mensen en zetten ontmoetingsplaatsen en winkels op voor alle inwoners van hun kleine dorp.
Ook staan er ondernemers op die vinden dat een bedrijf pas goed is als het een waardevolle bijdrage levert aan de samenleving.

Ik denk dat wij als geloofsgemeenschap ook geroepen zijn om op te komen voor het goede leven voor alle mensen. Als kerken hebben we de laatste tientallen jaren de nadruk gelegd op barmhartigheid, hebben we aandacht gehad voor wie kwetsbaar is. Het is tijd dat we weer opkomen voor gerechtigheid, dat we de overheid aanspreken op haar verantwoordelijkheid en zelf verantwoordelijkheid willen dragen voor oplossingen.

Herodes probeert om ook de drie koningen in zijn macht te krijgen. Ze moeten rapport aan hem uitbrengen als ze het kind gevonden hebben. Dan zal hij hem eer bewijzen
In het vervolg van onze tekst kunnen we lezen wat Herodes’ ware bedoelingen  zijn. Om het risico te vermijden dat de pasgeboren koning, hem van zijn troon  zal stoten, brengt hij alle pasgeboren jongetjes van Betlehem om.

De ware wijzen gaan naar het kleine Betlehem. Daar komt de leider vandaan die zijn volk zal hoeden. Het is goed om te vertrouwen op het licht, in plaats van op de macht.
De drie koningen volgen de ster. Het zal een eenvoudig huisje zijn geweest, waar de ster stil staat. Een contrast met het paleis van de koning. Maar er is een andere koning nodig dan koning Herodes. Een koning van het volk die woont tussen de mensen. Die hun zorgen kent, maar ook hun kracht. De drie wijzen gaan vol vreugde naar binnen en vinden Maria en het kind.
Voor deze koning buigen ze. Ze bieden aan: goud, wierook en mirre. Goud en wierook als eerbewijs. Mirre, omdat dit andere koningschap ook lijden met zich meebrengt.

In een droom worden ze gewaarschuwd om niet langs Herodes te gaan.
Jozef krijgt ook een droom, waarin hij wordt gewaarschuwd voor Herodes. Hij moet vluchten naar Egypte, de plaats waar ook het volk geleefd had.
De koningen gaan naar huis terug om daar het licht door te geven.
Zoals ook wij na Kerstmis en na vandaag, weer terug gaan naar onze plaats in de wereld. Omdat het licht bedoeld is voor heel de wereld, voor alle mensen.

Geloofslied: Het licht valt uit de dagen

Klaarmaken van de Tafel; collecte

Voorbeden, accl. : Heel het duister
Wij bidden vanwege mensen voor wie het leven donker is, zonder uitzicht
Voor mensen gevlucht uit hun land en verblijvend onder mensonterende omstandigheden in kampen in Griekenland; voor de kinderen die hier opgegroeid zijn, maar die dreigen te worden uitgezet naar een land dat voor hen onbekend en onveilig is.
Dat het licht voor hen mag doorbreken.

Voor de mensen die zich zorgen maken of ze het financieel nog wel redden door te hoge kosten en een te klein inkomen.
Dat hen recht mag worden gedaan

Voor onze aarde, zo achteloos gebruikt en soms zelfs gewetenloos misbruikt, met droogte of overstromingen als gevolg
Dat we de aarde, waar wij van leven, bewaren, de lucht die wij ademen zuiver houden.

Voor de mensen die getroffen zijn door een ramp, zoals in Indonesië, voor wie getroffen zijn door machtspolitiek zoals de mensen in Jemen die honger lijden.
Dat anderen niet wegkijken, maar dat er hulp voor hen mag zijn en herstel van een situatie die leefbaar is.
Na intenties: voor uw Aangezicht

Tafelgebed
Wij danken U voor uw licht dat telkens weer doorbreekt
op een plaats waar je het niet verwacht.
Voor mensen die verlangend naar het licht op weg gaan
zoals Abraham en Sara
Mozes en Mirjam
de herders en de drie koningen
mensen die het oude liedje niet meer willen zingen,
die het wagen zonder te willen winnen,
en die nieuwe wegen zoeken, ook de smalle.
Wij danken u dat ze er altijd zijn:
mensen die getuigen van het licht
die hun dromen delen
en van wie de woorden blijven klinken,
hun gebaren nog steeds worden doorgegeven

Wij danken u voor dat kleine begin
geschenk uit de hemel
door Maria in vertrouwen verwacht
geboren onder herders
gezien door de drie koningen
als licht voor heel de wereld.
Hij kreeg de naam Jezus
werd steeds meer wat zijn naam beloofde:
God bevrijdt
Bevrijdend was hij aanwezig onder de mensen
maakte heel wat gebroken was
maakte kleine mensen groot
doorbrak de spiraal van geweld
zoals op die avond
voor hij werd opgepakt:
Hij vierde het feest van de bevrijding
nam bij de maaltijd het brood,
dankte daarvoor,
brak het en zei:
dit brood is als mijn leven
gebroken en gedeeld met jullie.
Hij nam ook de wijn en zei:
dit is de wijn van de nieuwe wereld
waar ik zo mee verbonden ben
Waar jullie brood en wijn blijven delen
daar ben ik er bij,
daar blijft de hoop op de nieuwe wereld levend
Hij werd lafhartig vermoord,
maar liefde bleek sterker dan de dood
Hij leeft bevrijdend onder ons
Waar wij durven leven als hij:
vrij van angst,
levend in het licht
licht brengend in de wereld

Samen bidden wij zingend om die nieuwe wereld die zeker komen zal

Onze Vader gezongen

Vredeswens:

Ontwikkelingen in de wereld om je zorgen om te maken, maar tegelijk: tal van initiatieven van onderop, verzet tegen de Herodessen van deze tijd, mensen die samen met anderen, al is het klein, een stukje van de nieuwe wereld voor iedereen scheppen.

Vredeslied: gij Levende eerste en laatste

Delen van brood en wijn
In het delen van brood en wijn denken we aan Jezus,
aan zijn leven en sterven en dat hij nog altijd leeft onder ons.
Leef in verbondenheid met de Eeuwige,
Laat je leiden door het licht,
deel je leven met wie op je weg komt.
zoals Jezus dat deed.

Van harte welkom aan deze tafel

Communielied:  Wat in stilte bloeit

Dankgebed:
Wij danken u
voor uw licht dat ons de weg wijst;
dat wij hier samen
mogen ontdekken
waar leven te vinden is
dat wij samen met anderen
uw droom waar mogen maken

Mededelingen en bloemetje

Slotgedachte
De machtige kan een oorlog winnen, maar kan de machtige ook vrede stichten?            De machtige heeft de taak heeft om ruimte te scheppen voor de kwetsbare, de zwakke. Om deze de plaats te geven die hem of haar  toekomt: aan het hoofd van de tafel, midden de wereld. Niet uit medelijden, maar uit eerbied voor datgene waar de sterke niet zo goed in is: het hart raken, vermurwen, veranderen, verbinden.
naar Rikko Voorberg

Zegen
Moge de Eeuwige ons zegenen met licht
om de grootheid van het kleine te zien
in onszelf en in de ander
de zachte, sterke kracht van samen
die vrede brengt
mogen we zo gezegend zijn door de eeuwige die wij noemen
vader, moeder, zoon en goede geest

Slotlied: Om warmte gaan wij een leven

Drie koningen zagen een sterre

SAN SALVATORGEMEENSCHAP / DATUM zaterdag 5 januari 2019

THEMA: Drie koningen zagen een sterre

Voorganger Wilton Desmense

Lector Corrie Dansen

Muzikale begeleiding Gieneke Ruyters           Cantor Hans Moerman

OPENINGSLIED: Zo maar een dak

WELKOM

In het Oude Testament is voorspeld (Numeri 24:17) dat, wanneer de ster verschijnt, er iets wezenlijks gaat gebeuren. Daar staat: “Er zal een ster voortkomen uit Jakob, en er zal een scepter uit Israël opkomen.” Het is een verwijzing naar de komst van de Messias, de Redder van Israël. Dit is de enige keer dat een ster met een profetische, symbolische betekenis genoemd wordt in het Oude Testament. Pas in Openbaring wordt de ster weer als profetisch object gezien! In het verhaal van de drie koningen kun je zeggen: We volgen een ster: maar waarom? We zoeken: maar wat? Hoe zeker weten we dat die ster ons brengt waar we willen zijn? Als deze ster érgens voor staat, is het: een verlangen. Dat zou een heel duidelijk verlangen kunnen zijn. Welk verlangen is ons verlangen? Welke ster volgen wij?

 

GEBED

In deze donkere dagen van het jaar
verlangen we naar warmte en licht.
De verwarming is aan en er branden kaarsen.
Moge het echte Licht komen onder de mensen,
een Licht dat nooit meer uit- of onder gaat.

Mogen wij de weg erheen volgen,

vol volharding en vol verwachting.

ACCL.: Drie wijzen met wierook

 INLEIDING OP DE LEZINGEN

De lezingen van vandaag spreken van licht,

van licht dat komt. In de eerste lezing komt het licht zelf naar de mensen, in de tweede lezing gaan mensen actief op zoek naar het licht toe:

illustratief voor de omslag van het Oude naar het Nieuwe Testament, van passief geloven naar actief geloven.

EERSTE LEZING (Jesaja 60, 1-6)

De Heer zegt:

Jeruzalem, wees niet langer bedroefd. Laat het licht over je schijnen, het licht van de Heer. Hij komt naar je toe als een stralende zon. Alle volken leven in het donker, de hele aarde is zo donker als de nacht. Maar over jou schijnt het licht van de Heer.

Iedereen ziet dat stralende licht. De volken en de koningen, ze komen allemaal naar je toe, Jeruzalem. Ze volgen allemaal dat stralende licht, ze willen allemaal naar die schitterende stad. Doe je ogen maar open, Jeruzalem, en kijk om je heen. Daar komen je inwoners aan! Ze komen allemaal naar je toe, vanuit verre landen. Andere volken brengen hen veilig thuis. Ze dragen je inwoners alsof het hun eigen kinderen zijn. Jeruzalem, kijk! Je ogen zullen stralen van blijdschap, en je hart zal bonzen van vreugde. Die volken brengen ook geschenken voor je mee. Ze nemen hun rijkdommen mee uit verre landen. Ze brengen veel kamelen mee, jonge kamelen uit Midjan en Efa. En de mensen uit Seba komen met veel wierook en goud. Zij vertellen allemaal hoe machtig de Heer is.

 LIED: Er is een stad (= Jerusalaim)

TWEEDE LEZING (Mattheus 2, 1-12)

Jezus werd geboren in Betlehem in Judea. Toen Hij geboren was, kwamen wijze mannen uit het Oosten naar Jeruzalem. In die tijd was Herodes koning. Ze vroegen: “Waar kunnen we de koning van de Joden vinden, die kort geleden is geboren? We hebben in het oosten zijn ster zien opgaan. We zijn gekomen om hem te eren en hem geschenken te brengen.”

Dit was een grote schok voor koning Herodes en de bewoners van Jeruzalem. Herodes liet de leiders van de priesters en de wetgeleerden van Jeruzalem bij zich komen. Hij wilde van hen weten waar de Messias  geboren zou worden. Ze antwoordden: “Hij wordt in Betlehem in Judea geboren. Want de profeet Micha heeft opgeschreven: ‘En jij, Betlehem in het land van Juda, jij bent minstens zo belangrijk als de grote steden van Juda. Want in jou zal iemand geboren worden die mijn volk Israël als een herder zal leiden.”

Toen liet Herodes in het geheim de wijze mannen bij zich komen. Hij wilde heel precies van hen weten, wanneer ze de ster voor het eerst hadden gezien. Daarna stuurde hij hen naar Betlehem. En hij zei tegen hen: “Ga dat kind zoeken. Als jullie het hebben gevonden, moeten jullie het mij laten weten. Want dan ga ik daar ook naar toe om het te eren en het geschenken te brengen.” Zo vertrokken ze.

De ster die ze in het oosten hadden gezien, ging voor hen uit. Hij bleef staan boven de plaats waar het kind was. Toen ze de ster daar zagen, waren ze erg blij. Ze gingen het huis binnen en vonden daar het kind met zijn moeder Maria. Ze knielden neer en aanbaden het. En ze gaven het dure geschenken: goud, wierook en mirre. Maar God waarschuwde hen in een droom om niet naar Herodes terug te gaan. Daarom reisden ze langs een andere weg naar hun land terug.

ACCL.: D’heilige drie Koon’gen uit zo verre land

OVERWEGING

T.S. Elior schreef een gedicht dat door Martinus Nijhof onder de titel De Reis van de Drie Koningen als volgt uit het Engels is vertaald:

Het was een koude tocht, en de slechtste tijd van het jaar voor een reis, voor zulk een verre reis.

De wegen modderig, het weer guur, de winter op zijn strengst. De kamelen, die hun knieën ontvelden, hun hoeven bezeerden, werden onhandelbaar

en legden zich neer in de smeltende sneeuw.

Menigmaal dachten we met spijt terug aan onze zomerpaleizen op bloeiende berghellingen, aan meisjes, in zijde gehuld, die gekoelde wijn ronddienden. Onze kameeldrijvers vloekten, kankerden, weigerden dienst, riepen om brandewijn en vrouwen. Onze kampvuren wilden niet branden, onderdak was moeilijk te vinden, de steden waren vijandig, de dorpen stug, de gehuchten smerig en verschrikkelijk duur: het was een ellendige tocht.

Tenslotte reisden wij de gehele nacht door, sliepen zo nu en dan langs de wegkant en hoorden gedurig in onze oren zingende stemmen, zeggend: jullie onderneming is waanzin.

Eindelijk, toen het licht werd, daalden we neer in een luw dal, vochtig, onder de sneeuwlijn, geurend naar groeizaamheid; een beek snelde voort, een watermolen karnde het duister, er waren drie bomen onder een bewolkte lucht, en een oud wit paard galoppeerde door een weiland. Wij kwamen bij een herberg met wijngaard-ranken boven de stoep. Zes handwerks-lieden dobbelden bij de open deur om zilverlingen en zes voetknechten schopten lege wijnzakken over de vloer. Maar niemand kon ons inlichtingen verschaffen, en zo gingen we verder, en bereikten des avonds, geen uur te vroeg,

de plaats van bestemming; het was (dat mag ik wel zeggen) de moeite waard.

Dit alles is lang geleden, ik heb het onthouden

en zou het over willen doen, maar ik stel, dit vooropgesteld, één vraag: was het doel dat ons dreef geboorte of dood? Wij waren getuigen van een geboorte, zeker, daar is geen twijfel aan. Maar als ik vroeger geboorte of dood zag, dacht ik dat ze tegenstellingen waren. Deze geboorte echter

was een onverbiddelijk einde voor ons, een dood, onze dood. Wij keerden terug naar ons land, onze koninkrijken, maar voelden ons niet meer thuis in de oude orde tussen vreemde mensen die hun goden omklemmen. Ik zal blij zijn als ik andermaal sterf.

(De reis van de drie koningen, Martinus Nijhoff – T.S. Eliot)

Tot zover het gedicht over drie koningen die na een moeilijke tocht de pasgeboren Jezus aanschou-wen. De tocht is vol ontberingen, leidt door een bijna Siberische koude, “onze kampvuren wilden niet branden”, en voert weg van de weelde en rijkdom, waarin de drie thuis baden. Als ze eindelijk arriveren op de beloofde plaats, is het duidelijk dat wat ze te zien krijgen zeldzaam gewoon is, nietig. En vooral: dat het zal lijden.

De dichter maakt geen woord vuil aan wie de Wijzen zien. Wel laat hij een van hen zeggen dat de aanblik satisfactory is, “De moeite waard”, vertaalt Nijhoff, “ze gaf voldoening”. Dat lijkt mager, maar maakt het waarheidsgetrouw: je begint te begrijpen dat de koningen zochten naar wat niets anders kon zijn dan het volkomen tegendeel van wat zij zelf waren. De reis is pas de moeite waard als zij erdoor gaan inzien dat macht, rijkdom en faam hun bestaan niet rechtvaardigen. Iets machteloos’, onaanzien-lijks, gerings, sterfelijks en in zekere zin wanhopig stemmends, dat krijgen zij te zien. De drie Wijzen zien in de bron van hun nieuwe geloof – de Menswording – niets triomfantelijks. Hun wereld is op zijn kop gezet. De macht die zij zochten schuilt in zwakheid. (Willem Jan Otten, Woeste vragen, Trouw 19-12-2009)

Daarom is het gerechtvaardigd om aan de drie koningen, wier gouden kronen voor hen ook niets meer te betekenen hadden, een nieuwe hoed te vragen: van je ouwe, versleten hoofddeksel voor je hersenpan moet je het niet hebben om nieuwe inzichten tevoorschijn te kunnen toveren. En ook niet van al te behouden ouderen, die je zouden willen afremmen of niet thuis geven. Zet op, die nieuwe hoed, en hopelijk zijn onze goede voornemens dan zo gepiept in een wereld als een zomerhuis. Zo zij het.

LIED: Drie koningen zagen een sterre

VOORBEDEN

We bidden om licht voor alle mensen die hun lot in de sterren proberen te lezen, voor wie zekerheid zoeken in een leven vol onzekerheden; dat zij houvast vinden in de God die zich openbaart in de goedheid van mensen. Laat ons zingend bidden.

ACCL.: Heer onze God wij bidden U verhoor ons

Wij bidden om licht voor de groten der aarde die kost wat kost willen vasthouden aan hun macht, dikwijls ook ten koste van de kleine man, dat zij gaan beseffen dat God alle groot-heidswaanzin afwijst en dienstbaarheid van hen vraagt. Laat ons zingend bidden.

ACCL.

Wij bidden om licht voor onszelf; dat wij verder kijken dan onze eigen leefomgeving dat volkeren van andere continenten ons ter harte gaan, dat we beseffen dat God er is voor alle rassen en talen.
Laat ons zingend bidden.

ACCL.

We bidden voor de intenties in ons intentieboek.

… Ook gedenken we onze lieve overledenen.

ACCL.

God van mensen, laat uw licht schijnen door ieder van ons, dat wij een ster aan de hemel zijn die anderen de weg wijst naar U toe, dat wij een stal zijn waarin vriend en vreemde welkom is, in de naam en in de geest van Jezus, uw woord bij uitstek
dat klinken blijft door alle eeuwen heen.

 

TAFELGEBED: Jij, oorsprong van elk zoeken

ONZE VADER

eindigend met accl.: Want van U is de toekomst

VREDESWENS

LIED: Ik danste in de ochtend toen de wereld begon

BREKEN EN DELEN

LIED: Jij bent voor mij geen kerstkind in een stal

Refrein

Jij bent voor mij geen kerstkind in een stal

Jij wordt voor mij geboren overal

waar mensen zijn, waar mensen zijn

leef jij weer op en wordt steeds weer vermoord.

Vrede is een onvergetelijk woord,

het was jouw droom:maak vrede, zeg ‘t voort.

Oorlog hebben wij ervan gemaakte

en hongersnood, verdrukking, rassenhaat.

Refrein

“Leven,” zei je, “leven als een mens,

ja, dat is liefde geven, heel intens!”

Liefde hebben wij nog niet verleerd,

wij hebben lief, al lijkt het omgekeerd.

 Refrein

………….

leef jij weer op, word jij steeds weer gehoord.

(origineel: Los Reyes Magos; tekst Hans Waegemakers)

 GEBED

Wij gaan onze weg terug, de wereld in, een andere weg dan die waarlangs wij kwamen. Wij gaan nu de weg van geloof, hoop, liefde, goedheid en trouw.
Het is de weg van dromen van licht en liefde.
Wij bidden om zegen voor ons, voor onze dromen, voor de weg die we gaan, onze ster achterna,

in Zijn naam die alles en allen is in één. Amen.

 MEDEDELINGEN

 

SLOTGEDACHTE

Er was een mannetje dat zich verveelde,
want de kermis was dicht en de kerk was dicht en uit het café kwam ook geen licht. En hij dacht:

Ik wou dat er wat gebeurde …

En toen keek-ie naar de lucht en hij zag:

honderdduizend sterren of nog wel wat meer misschien. “Ja, maar al die sterren heb ik al zo vaak gezien. Ach, ik wou dat er wat gebeurde …

En toen viel er een ster! En als er een ster valt mag je een wens doen, mag je een wens doen als je ‘t ziet. Als er een ster valt, mag je een wens doen:
“Wat zal ik wensen – ik weet het niet.”

Maar het was een heel slim mannetje, want hij zei: “Ik wens, ik wens dat er nog een ster valt. Dan heb ik nog even tijd om te denken.”

En het gebeurde …
Maar nog wist hij niet wat hij zou wensen, dus zei hij: “Ik wou dat er nóg een ster viel en nog één – en weer één – en weer en meer.” Totdat: er nog maar één ster aan de hemel stond.
En ook die viel.

En hij dacht: ik had zoveel kunnen wensen,
ik heb zoveel bedacht, maar alles wat ik wilde, is verdronken in de nacht.
Maar het was nog altijd een heel slim mannetje
– tenminste dat dacht-ie – , want hij zei:
“Ik wens dat de aarde valt.”
En het gebeurde …

En op een andere planeet
was een mannetje, dat zich verveelde
en hij dacht:
Ik wou dat er wat gebeurde …!

   (Elly Nieman)
GEZAMENLIJKE ZEGEN

Eeuwige,

Jij hebt ons uitgezonden in de wereld.

Zegen ons om levende getuigen te zijn van jouw liefde.

Zegen onze ogen om scherp te zien, wat mensen beweegt, bemoedigt of benauwt.

Zegen onze oren om woorden op te vangen van hoop, kracht en uithoudingsvermogen.

Zegen onze lippen om te spreken voor de mensen zonder stem.

Daarvoor vragen we jouw zegen, in de naam van de Vader, de Zoon en de heilige Geest.

SLOTLIED: Dans van de zee

Resultaten uit het verleden bieden hoop voor de toekomst

Thema: Resultaten uit het verleden bieden hoop voor de toekomst
Datum: 31 december 2018
Voorganger: Ard Nieuwenbroek

OPENINGSLIED: Uit het duister hier gekomen
Lees meer →

Het begint klein.

25 december 2018
Het begint klein | Beloofd is beloofd
Voorganger: Franneke Hoeks
Met medewerking van Melodiek o.l.v Hans Waegemakers

OPENINGSLIED Het licht keert nu de duisternis
WELKOM
Het is kerstmis. Wat fijn dat u op deze kerstmorgen naar hier gekomen bent om hier met elkaar te vieren. Of u hier nu wekelijks te vinden bent, af en toe gaan komt waaien of voor de eerste keer hier bent, weet dat je welkom bent in dit uur van woorden, verhalen, zingen, stilte, bidden, licht en delen met elkaar. Ik hoop dat dit uur voor u, voor jou, een uur mag zijn dat licht en leven brengt.
Op onze eerste rij is een lege stoel. Op deze stoel staat een knuffel. Hiermee maken we zichtbaar dat we bekommerd zijn om kinderen die in Nederland in grote onzekerheid leven of ze hier wel mogen blijven. Kinderen die hier vaak geboren en getogen zij en die nu dreigen te worden uitgezet. Veel kerken laten deze dagen een stoel leeg.
Gisteren, op kerstavond vierden we ook in deze ruimte. Met diezelfde lege stoel.
Voor en met kinderen vertelden we het kerstverhaal. We stuurden kaarten naar kinderen in asielzoekerscentra om hen een hart onder de riem te steken. In de vieringen voor grote mensen werd verteld over de geboorte van Jezus. Een verhaal over Maria, Jozef, herders en engelen. Vandaag klinkt hier een ander verhaal.  We laten Johannes aan het woord.  Bij hem klinkt geen nostalgie bij de stal, maar een oertekst over God die zich kenbaar maakt in, voor en met mensen. Een god die woord zijn woord gestand doet. Beloofd is beloofd.
Lees meer →