Vieringen

Wijsheid of waanzin?

San Salvatorgemeenschap 15/16 juni 2019
Wijsheid of waanzin?

Voorganger: John Parker, mmv de Cantorij.

Openingslied: zat: Als woorden kunnen duiden
zon: Dat woord waarin ons richting

Welkom en inleiding:
Welkom iedereen hier bij onze wekelijkse viering rond Woord en Tafel. Het weekend na Pinksteren en de wereldkerk biedt ons een thema aan, dat geeft ons de mogelijkheid om na te denken, dat vraagt om te vieren en te bidden. Het beeld van de Drie-eenheid: Vader, zoon en Geest. Een mysterie, iets dat open staat voor allerlei interpretaties en meningen.
Hoe eenieder van ons hierover denkt, wij kunnen samen bidden, zingen en vieren, wetend dat wij welkom zijn.
Laten wij de stilte over ons komen, tot ons komen.

Gebed: van Hildegard van Bingen.
O, helende kracht die zich een weg baant! Alles doordring je, in de hoogte, op aarde, in de afgronden, overal. Jij voegt en sluit alles ineen. Door jou drijven de wolken, zweven de hemelen, druppelen de stenen van vocht, doen de bomen hun beken opborrelen, door jou ontspringt het verfrissende groen aan de aarde! Je voert ook mijn geest naar de verte. Jij waait je wijsheid in hem en met de wijsheid de vreugde.

Acclamatie: zat: Dat wij volstromen met levensadem
zon: Bless the Lord, my soul

1e lezing: Spreuken 8, 22-31
De Heer heeft mij als eerste gemaakt,
vóórdat Hij al het andere maakte.
Ik ben er altijd al geweest, al voordat de tijd begon.
Ik was er al voordat de aarde bestond.
Ik werd geboren toen er nog geen oceanen waren,
geen bronnen vol water,
toen de bergen nog niet bestonden,
en de heuvels nog niet waren gemaakt,
toen Hij de aarde en de velden nog niet had gevormd,
toen er nog niet één stofje bestond.
Ik was erbij toen Hij de hemel maakte,
de horizon als een kring op de oceaan zette,
de wolken aan de hemel hing
en de bronnen van de oceaan liet stromen.
Ik was erbij toen Hij de grenzen van de zee vaststelde,
het water zijn bevelen gaf
en de fundamenten van de aarde neerzette.
Ik was zijn troetelkind.
Elke dag genoot Hij van mij.
Elke dag was ik verrukt van zijn aanwezigheid.
Ik genoot van de aarde,
en was blij met de mensen.

Lied: zat: De Heer heeft mij gezien
zon: Waarom, wanneer, uit welk luchtlaag

2e lezing: Johannes 3, 1-16
Er was een Farizeeër die Nikodemus heette. Hij was één van de Joodse leiders. Op een nacht ging hij naar Jezus toe en zei tegen Hem: “Meester, we weten dat U een leraar bent die door God is gestuurd. Want niemand kan de wonderen doen die U doet. Die kan iemand alleen doen als God met hem is.” Jezus antwoordde: “Luister goed! Ik zeg je dat je alleen bij het Koninkrijk van God kan horen als je opnieuw geboren bent.” Nikodemus vroeg: “Hoe kun je nu geboren worden als je al oud bent? Je kan toch niet weer de buik van je moeder ingaan en opnieuw geboren worden?” Jezus antwoordde hem: “Luister goed! Ik zeg je: je kan het Koninkrijk van God alleen binnen gaan als je geboren wordt uit water en uit de Geest. Anders niet. Uit een mens wordt menselijk leven geboren. Maar uit Gods Geest wordt geestelijk leven geboren. Het is dus niet vreemd dat Ik zeg dat jullie opnieuw geboren moeten worden. De wind waait waarheen hij wil. Je hoort hem wel, maar je weet niet waar hij vandaan komt of waar hij heen gaat. Zo is het ook met iedereen die uit Gods Geest is geboren.”
Nikodemus vroeg aan Jezus: “Hoe moet iemand uit Gods Geest geboren worden?” Jezus zei: “Jij bent toch een leraar van Israël, iemand die de mensen leert hoe God wil dat ze leven? Hoe kan het dan dat je deze dingen niet weet? Luister goed! Wij spreken over wat Wij weten. Wij vertellen wat Wij hebben gezien. Maar jullie geloven Ons niet. Jullie geloven Mij niet eens als Ik over gewone, aardse dingen spreek. Hoe zouden jullie Mij dan kunnen geloven als Ik over de hemelse dingen spreek? Er is nog nooit iemand naar de hemel geweest behalve Ik, de Mensenzoon. Ik ben er vandaan gekomen. En net zoals Mozes in de woestijn de slang hoog opgeheven heeft, zo moet ook de Mensenzoon hoog opgeheven worden. Iedereen die in Hem gelooft zal dan niet sterven, maar het eeuwige leven hebben. Want God houdt zoveel van de mensen, dat Hij zijn enige Zoon aan hen heeft gegeven. Iedereen die in Hem gelooft, zal niet verloren gaan, maar zal het eeuwige leven hebben.

Acclamatie: zat: Van grond en vuur
zon: Wek mijn zachtheid weer

Overweging:
Deze afgelopen 3 jaar ben ik af en toe gevraagd hoe ik over de Brexit denk. Het is de eerste keer dat zoiets gebeurt in ons Europa en zou veel in beweging kunnen brengen. Eén land heeft besloten om de Europese club te verlaten, een eigen weg zoeken en hopen te vinden. Er zijn andere volkeren die ook hun eigen weg willen kunnen volgen. De Catalanen, bijvoorbeeld. Of nog dichter bij huis, onze eigen geloofsgemeenschap…
Je eigen weg zoeken en proberen te volgen. Met je aangeboren, aangeleerd, gekregen normen en waarden. Dit probeert ieder mens, ieder volk, ieder gemeenschap. Het beeld van de Drie-eenheid dat wij vandaag vieren nodigt uit om even iets anders te overwegen. Volgens de traditie zijn Vader, Zoon en Geest drie zelfstandige, onafhankelijke wezens, die samensmelten in één godheid. Ieder van de drie heeft eigen persoonlijkheid, karakter en gaven. Samen vormen zij één godheid, één suprême zijn. Ieder heeft eigen kracht, samen zijn ze nog sterker. Heel plat uitgedrukt…
In het samenzijn vindt men, volkeren, landen zelfs, kracht en veiligheid, steun en inspiratie. In het samenzijn vindt men warmte en geborgenheid, vriendschap, een bemoedigend woord, soms ook een kritische opmerking. Het is niet altijd even gemakkelijk, het vraagt om luisteren naar de ander, openheid en eerlijkheid, een niet-egoïstische houding, die niet altijd vanzelfsprekend is.
Wijsheid, wijsheid van geest. Om een beeld van de viering van vorig weekend te lenen: Pinkstertaal, de taal van het hart. Open zijn, om elkaar te kunnen verstaan. De taal die Jezus gebruikte in zijn gesprek met Nikodemus, in ons evangelieverhaal. Waarin Jezus driemaal zegt: Luister goed! Een taal die niet met het menselijk verstand te begrijpen is, maar wel met de wijsheid van de geest, van het hart.
Als je voortdurend het gevoel hebt om niet begrepen te worden, komt er een moment dat je je afvraagt of je niet beter weg zou moeten gaan, je eigen weg volgen. Dat zou de gemakkelijke weg zijn; je keert het de rug toe, je weigert het te erkennen; en het zal misschien blijven zweren. Een bron van pijn, ergernis. Wat is wijs? In veel gevallen is een goede oplossing een gesprek voeren, om goed te begrijpen, om goed begrepen te worden. Zoals Nikodemus deed, in zijn nachtelijke ontmoeting met Jezus. In ons verhaal wordt Nikodemus buiten zijn veilige, bekende terrein gebracht, o de ander, Jezus, te leren kennen, te begrijpen, om zo op een beter gegronde weg te komen.
De wijsheid der eeuwen, omschreven door de schrijver van onze tekst uit Spreuken als de vreugde van God, als God z’n lieveling, bestaan nog vóór de schepping, sinds het begin van de tijd. Voor de een is dit wijsheid, voor de ander is het pure waanzin. Ik geloof dat het wijsheid is, iets goddelijks in mensen. Ik geloof dat de mens in staat is om zelf veel te ondernemen en te voldoen, met de wijsheid die in hem leeft.
En wat de Brexit betreft, die wijsheid zegt dat ik hier beter af ben dan in mijn geboorteland…

Geloofslied: zat: Wij zoeken U als wij samenkomen
zon: Jij die voor alle namen wijkt

Collekte.

Voorbede: zat: Kom over ons met uw Geest
zon: Heel het duister is vol luister
1. Eeuwige, wij bidden U: geef geloof aan mensen die moedeloos aan de kant van de weg zitten.
die niet meer verder kunnen, die bang zijn dat alle moeite tevergeefs is;
mogen zij medemensen vinden die hen helpen om weer op te staan.

2. Eeuwige, wij bidden U: geef moed aan alle mensen die zich inzetten voor het welzijn van anderen,
ook al gaat dat soms ten koste van henzelf;
Mogen zij mensen ontmoeten die meelopen op hun weg.

3. Eeuwige, wij bidden U: voor onszelf, onze eigen intenties; voor zieken, voor onze overledenen.
zon: Koester de namen

Tafelgebed:

Vurig bidden wij vandaag
ons reisgebed
klaar om weg te trekken
uit het oude land
en op zoek te gaan naar een beter
waar geluk en vrede is voor iedereen.

Gij licht voor ons uit
vuurzuil in de nacht
Gij hebt gezegd:
je hoeft niet mee, maar je mag
maar als je gaat ga dan niet alleen.
Vraag je broer, je vrouw
neem vrienden en vriendinnen mee
verzamel er twee of drie
en het zullen er honderd worden.
En waar twee of drie
elkanders sterkte delen
daar ben Ik in hun midden.

Hier dragen wij de herinnering mee
aan onze voorouders
ook al zijn ze gestorven.
Hier de herinnering aan hen
die profeten waren onder ons
vrouwen en mannen
die in hun levensverhaal
een blijde boodschap brachten.
Hier dragen wij de kinderen
op onze rug als ze moe zijn
met hun kleine voeten
Hier zingen we Jou toe
dat Jij ons vogelvrij hebt gemaakt
om over alle grenzen heen te komen
in het land door Jou beloofd

Jij, die Jouw gezicht hebt uitgestraald
in kinderen van mensen
in die ene mens vooral :Jezus v. Nazaret
wij danken Jou:
Hij is het licht geworden
in ‘t donker van deze wereld.
Wij hebben hem gezien boven op de berg
stralend van geluk
vol van Jouw heilig vuur
zijn kleren wit als sneeuw.
En we zagen
hoe hij afdaalde van de berg
om weldoende rond te gaan.

Hij sprak verstaanbare taal
woorden van bemoediging en vrede.
Overal waar hij kwam
schoolden de mensen samen.
Kracht ging van hem uit
en velen verlieten hun oude land
en volgden hem
het ware leven tegemoet

Hem gedenken wij hier
zijn laatste avond
toen hij brood nam in zijn handen
en tot ons heeft gezegd:
Dit ben ik ten voeten uit
zo wil ik met jullie blijven leven
over de grens van de dood heen
als brood dat wordt gedeeld.

Ook de beker
liet hij rondgaan en zei:
Drinkt allen uit deze beker
want allemaal heb je deel
aan vreugde en verdriet
aan leven en dood.
Vier samen
dat je vrije mensen bent
en weest niet bang.
Houdt elkaar vast.
Blus de geest niet uit
weest nieuw en vurig.
Vlieg over de grenzen heen
Laat kracht van je uitgaan
en heb de wereld lief.
Volg mij op de weg
die ik ben gegaan

Gezegend de nieuwe mens Jezus
die in ons leeft en spreekt
die ons voedt
ons hart verheft en vrede geeft.
Gezegend allen hier in dit huis
die de wereld willen dragen
naar een betere toekomst.

Hoort zijn stem die zegt:
Ik maak alles nieuw
Ik zal de tranen
uit je ogen wissen
en de dood zal niet meer zijn
geen rouw en geen verdriet
zal er zijn.

Van hem is de toekomst
kome wat komt
Licht dat niet dooft
Liefde die blijft
Kracht die niet ophoudt.

ONZE VADER….. zon: gezongen

Vredeswens: Jij leert mij vliegen

Communie: Muziek
zon: Zoudt gij mij ooit beschamen

Slotgedachte: van J. Lammers, uit Woord en leven.
Een gehandicapte, volledig verwaarloosde man zit aan de rand van de weg en steekt zijn hand uit naar de voorbijgangers. Het merendeel van hen let niet op hem. Een enkele blijft staan en zegt: “Ik zou je graag wat geven, maar ik heb juist gezien dat ik geen geld op zak heb.”
De bedelaar geeft hem dit wonderlijk antwoord: “Je hebt me meer dan geld gegeven, je hebt me een stuk van je hart gegeven!”

Zegen en wegzending:

Slotlied: zat: Een frisse wind die waaien gaat
zon: Tijd van vloek en tijd van zegen.

In vuur en vlam worden gezet

THEMA: In vuur en vlam worden gezet
Pinksteren 2019
Voorganger: Ard Nieuwenbroek

OPENINGSLIED: Dit huis is een huis

WELKOM
Welkom iedereen hier aanwezig. Voor jou die hier al zoveel keer met ons het leven hebt mogen vieren. Voor jou die hier wellicht voor de eerste keer verwachtingsvol aanwezig bent. Voor ons allemaal, inclusief ons verlangen naar heelheid. Vurig verlangend naar dat ene woord dat ons inspireert. Vurig verlangend naar samen. Vurig verlangend naar wat ons vrede en licht brengt in onszelf.

Met Pinksteren gaat het om drie sterke woorden: om Geestkracht, Wind en Adem. Drie woorden met een schat aan betekenissen: Je mag dit uur weer met ons op adem komen, en de viering duurt maar ’n uur, dus je hoeft vanmorgen geen lange adem te hebben! Het gaat met Pinksteren om een feest waar je je adem van inhoudt! Een adembenemend feest! Misschien lukt het om ons daardoor vanmorgen te laten inspireren en bemoedigen.
Laten we eerst de stilte in onszelf en elkaar zoeken en vinden. Om ons open te stellen. Om ruimte te maken. Om ons denken te zuiveren.
Lees meer →

Onze Vader die in de hemel zijt

THEMA: Onze Vader die in de hemel zijt                      Vieringen 1 en 2 juni
VOORGANGERS:  Maria van den Dungen en Franneke Hoeks

OPENINGSLIED: zat. Uit uw hemel zonder grenzen / zon. Vrede voor jou hierheen gekomen

WELKOM
Dit weekend is het “Wezenzondag”, de zondag tussen Hemelvaart en Pinksteren. Afgelopen donderdag vierden we met 13 kerken Hemelvaart.
Jezus heeft zijn leerlingen een beetje verweesd achtergelaten. Hij is er niet meer en zij hebben nog niet de geest gekregen, de kracht gevonden om zelf te gaan vertellen over die wonderlijke man, die vertelde over de wereld omgekeerd.
De komende maanden bezinnen we ons op het Onze Vader. Vijf avonden gaan we met elkaar in gesprek en zoeken we verdieping rondom dit gebed.
De eerste avond was op 20 mei. Een kleine twintig mensen spraken in de huiskamer over de aanhef van dit gebed: “Onze vader die in de hemel zijt”.
Een mooi thema voor Wezenzondag. In de overweging kijken we terug op inzichten van deze bezinningsavond.
Als we rondom het Onze Vader bij elkaar zijn, branden we een kaars. Die kaars ontsteken we ook nu aan het begin van deze viering.
Laten we het in het licht van deze kaars even stil maken, zodat we met elkaar ruimte kunnen maken voor de Eeuwige die we kennen onder veel namen, waar vader er een van is.

Lees meer →

Bemin en doe dan wat je wilt

Thema: “Bemin en doe dan wat je wilt.”
Datum: 26 mei 2019

Voorganger: Tony de Meulder

Openingslied: Om warmte gaan wij leven
Aansteken van de Paaskaars
Namen van eventuele overledenen, kaarsje
Welkom:
Moge de liefde die Jezus ons heeft toegezegd
met ons zijn nu wij hier samenkomen.
Iedereen van harte welkom, u die voor de eerste keer hier bent of u/jij die regelmatig komt, zoekers en zieners, welkom op deze plaats van gastvrijheid.
De vorige keer toen hier voor mocht gaan was er de aanslag in Utrecht. Vandaag wil ik stilstaan bij de slachtoffers en hun familie uit Lyon.
Ondanks alle geweld komen wij vandaag weer samen komen rond verhalen van hoop en vertrouwen.
In het evangelie van vandaag horen wij opnieuw kernwoorden
uit Jezus’ testament: liefde en vrede.
Daartoe is Hij gekomen, daartoe roept Hij ook ons op.
Misschien schrikken we wel terug voor zo ’n immense opdracht.
Maar we hoeven niet bang te zijn, we staan er niet alleen voor.
“Bemin en doe dan wat je wilt” een citaat van Augustinus.
Wat is beminnen, wie bemin ik? Voel ik mij bemind?
Een thema waar we niet elke dag bij stilstaan.
Maken wij het een moment stil voor de Eeuwige die ons bemint zoals wij zijn.

Gebed:
Eeuwige,
Jij hebt jouw Zoon Jezus als mens onder ons willen laten leven.
Hij leerde ons dat het onmogelijke mogelijk kan worden:
een wereld waarin gerechtigheid en vrede heersen.
Help ons zijn Woord te verstaan
en het te realiseren.
Help ons van dag tot dag meer mens te worden
naar het grote voorbeeld van Jezus, jouw Zoon. Amen.

Acclamatie: Alles wacht op U vol hoop
Eerste Lezing: Joel 2. 21-27
21Wees niet bang meer, akkers, barst uit in gejubel,
want de HEER doet grote daden!
22Wees niet bang meer, dieren van het veld,
want een kleed van groen bedekt de woestijn,
de bomen dragen volop vrucht,
vijgenboom en wijnstok geven hun rijkdom.
23En jullie, kinderen van Sion, wees blij
en barst uit in gejubel om de HEER, jullie God,
want hij geeft regen om je te verkwikken,
hij laat de regen overvloedig op je neerdalen,
vroege regen en late regen, elk op de juiste tijd.
24De dorsvloeren liggen weer vol met graan,
de perskuipen lopen over van wijn en olie.
25Ik zal jullie schadeloosstellen voor de oogst van jaren die door al die zwermen sprinkhanen is opgevreten, door mijn grote leger, dat ik op jullie had afgestuurd. 26Je zult weer volop te eten hebben, meer dan genoeg, en je zult de naam van de HEER, je God, prijzen, want ik heb wonderbaarlijk met jullie gehandeld; nooit zal mijn volk weer te schande gemaakt worden. 27Dan zullen jullie inzien dat ik in Israëls midden ben, dat alleen ik, de HEER, jullie God ben; nooit zal mijn volk weer te schande gemaakt worden.

Lied: Gij zijt Gij

Evangelie:Johannes 14. 23-29
23Jezus antwoordde: ‘Wanneer iemand mij liefheeft zal hij zich houden aan wat ik zeg, mijn Vader zal hem liefhebben en mijn Vader en ik zullen bij hem komen en bij hem wonen. 24Maar wie mij niet liefheeft, houdt zich niet aan wat ik zeg, en wat jullie mij horen zeggen, zijn niet mijn woorden, maar de woorden van de Vader door wie ik gezonden ben. 25Dit alles zeg ik tegen jullie nu ik nog bij jullie ben. 26Later zal de pleitbezorger, de heilige Geest die de Vader jullie namens mij zal zenden, jullie alles duidelijk maken en alles in herinnering brengen wat ik tegen jullie gezegd heb.
27Ik laat jullie vrede na; mijn vrede geef ik jullie, zoals de wereld die niet geven kan. Maak je niet ongerust en verlies de moed niet. 28Jullie hebben toch gehoord dat ik zei dat ik wegga en bij jullie terug zal komen? Als je me liefhad zou je blij zijn dat ik naar mijn Vader ga, want de Vader is meer dan ik. 29Ik vertel jullie dit nu, voordat het gebeurt, zodat jullie het geloven wanneer het zover is.

Acclamatie: Mij nabij ben jij
Overweging:
Beste mensen,
We hebben geluisterd naar een stukje uit de afscheidsrede van Jezus. Vaak is hetgeen mensen zeggen in deze fase van hun leven heel belangrijk. Het zijn vaak woorden die hout snijden, woorden van waarden.
In mijn dagelijks werk als geestelijk verzorger kom ik vaak aan het bed van iemand die dit aardse leven gaat verlaten. Ik doe dit werk op verschillende locaties: in het ziekenhuis, verpleeghuis en in een hospice. Op alle locaties overlijden mensen. In een korte tijd mag ik als buitenstaander, als misschien wel vertrouwde vreemdeling horen en zien wat belangrijk was in het leven van zo’n mens. Er zijn vele verschillen hoe mensen in het leven staan. Maar rond het sterven komen er bijna altijd vragen boven wat was voor hem of haar van levensbelang in dit leven. In de loop van de jaren heb ik veel mogen leren uit de wederkerigheid van deze contacten. Een van de belangrijkste dingen die ik heb geleerd is: dat wat je uit liefde hebt gedaan, uit liefde tot God en uit liefde tot je medemens houdt stand tegen de dood. Daar waar mensen elkaar beminnen, er ten diepste zijn voor elkaar heeft de dood niet het laatste woord.
Ik zie dat mensen die zich in de laatste levensfase geborgen voelen rustiger doodgaan.
Liefhebben, houden van, beminnen is van levensbelang!

Augustinus zegt niet voor niets Liefde is God.
Bemin en doe dan wat je wilt.
Maar wat is beminnen?

Wat bedoelen wij met beminnen. We mogen zeggen dat het een waarachtige, authentieke liefde voor de medemens is. Maar het houdt een waarschuwing in, want het is lang niet zo gemakkelijk als men denkt, uit te maken wanneer onze liefde waarachtig is en wanneer niet…. Een echt volwassen liefde – liefde die nooit van mensen houdt als gebruiksgoederen, maar die in welwillendheid en vriendschap helemaal gericht staat op het goed van een ander stelt zwaardere eisen.

Wie de onbaatzuchtige liefde kent is tevens de meest vrije mens, omdat hij bevrijd is van elk egoïsme, met alle grillen en onrechtvaardigheden daaraan verbonden. Zo mag je zelf meer mens worden aan de ander.
Daar gaat het over als Jezus spreekt over het gebod van liefde.

Maar als ik hierover mijmer kan niemand mij zeggen welke vorm, welke zintuigen de liefde heeft. Toch heeft de liefde voeten, want die brengen ons naar mensen die ons nodig hebben. Toch heeft de liefde handen, want die strekken ons uit naar mensen die warmte nodig hebben. Het is arm op je schouder, als je moeilijk hebt. Ook heeft de liefde ogen, want zij zien wie in nood verkeerd.
Augustinus heeft zijn leven ten diepste geleefd. Hij schrijft niet voor niets in zijn regel: het is gemakkelijker God lief te hebben die je niet ziet, dan je broeder of zuster met wie je samenleeft. Zijn devies is: Eer in elkaar God.

We hebben het natuurlijk al honderden keren gehoord. Maar het blijft onvruchtbaar als het enkel bij ‘horen’ blijft. Ik moet het ook willen dóen: mijn hart openen, mijn ogen en oren niet sluiten voor de mens naast mij en mij laten raken.
Het vers bij Johannes dat mij van jongs af geïntrigeerd en gefascineerd heeft blijft resoneren: “Mijn Vader zal hem liefhebben en mijn Vader en ik zullen bij hem komen en bij hem wonen”.
Ben ik bemind? Beteken ik iets? Het antwoord wordt ons hier gegeven. Ik vind het gaandeweg in mijn pogingen om mensen lief te hebben, in goede en kwade dagen. Ik vind het terug als ik op het einde van de dag in mijn meditatie terugkijk om zijn liefde te ontdekken in ontmoetingen, in kleine tekentjes waar ik me op het moment zelf niet bewust van was. Ik vind het ook terug in het leven van Jezus, die trouw is gebleven aan zijn mensen, van wie hij hartstochtelijk heeft gehouden, de zwaksten nog het meest.
Ik lees het terug bij de profeet Joel.
Dan zullen jullie inzien dat ik in Israëls midden ben, dat alleen ik, de HEER, jullie God ben; nooit zal mijn volk weer te schande gemaakt worden.
De Eeuwige gaat telkens met ons op weg. Zo mogen wij mensen als verhaal van God worden. Door het alledaagse leven in het licht te brengen bij de Eeuwige. Dan is hij de Levende in ons midden, ook al lijkt hij soms dood in een wereld vol oorlog en geweld.

Ons samenzijn vandaag is geïnspireerd door de goede Geest van Jezus. Hij brengt ons zijn woord in herinnering, want wij zijn soms zo kort van geheugen. Hij nodigt ons aan tafel. Het teken dat ons wordt aangereikt is gebroken brood: een uitnodiging om ook ons leven te breken en te delen met en voor elkaar tot leven van de wereld, tot opbouw van zijn Rijk van vrede en gerechtigheid.
Geloofslied: Nu nog met halve woorden
Klaarzetten van de gaven / collecte / instrumentale muziek
Voorbede + acclamatie: Zegen ons met het licht van uw ogen / Gedenk ons hier bijeen

Eeuwige we bidden om jouw Geest in onze geloofsgemeenschap.
Dat de taal van de liefde gesproken wordt
en dat allen er elkaar mogen verstaan.

Eeuwige we bidden we dat religie
geen teken van verdeeldheid mag zijn,
maar eerder van samenwerking.
Dat de Joden, Moslims en Christenen
die dezelfde wortels hebben,
zich zouden inspannen om elkaar te verstaan
en op zoek gaan naar wat bijdraagt tot die nieuwe wereld die komen zal.

Eeuwige we bidden om goede wil en luisterbereidheid
van hoog tot laag,
van oud tot jong,
tussen rechts en links,
tussen gelovig en ongelovig…

Intentie kaarsje op tafel wordt ontstoken
Tafelgebed
Jouw brood en jouw wijn
zijn toch niet gebakken
zijn toch niet gerijpt
voor kinderen en volwassenen
voor armen of rijken
voor zwarte of witten
voor vluchtelingen of gevestigden
voor armoedzaaiers of welgestelden
voor zieken of gezonden
voor stotteraars of welbespraakten
voor brozen of machtigen
voor die van ons zijn of van ver komen?

Ze zijn er toch voor iedereen
zoals ook jouw liefde en mededogen?
Jouw brood sluit toch niet uit
maar voedt, versterkt, verbindt toch
al wie menslievendheid en gerechtigheid zoekt?

Laat dan dit brood
laat wat op deze tafel aanwezig is om te eten en te drinken
een zegen zijn
voor allen die niet uitsluiten maar insluiten.

We willen zijn Naam levend houden en hem gedenken.
Daarom nemen wij dit brood zoals hij heeft gedaan
en gezegd heeft:
‘Neem dan van dit brood en eet ervan, u allen,
want dit is mijn lichaam
dat voor u gegeven wordt.

Neem deze beker en drink hier allen uit,
want dit is de beker van het eeuwige verbond.’

Daarom breken wij dit brood
en delen wij deze beker
om niet te vergeten wat ons te doen staat
om niet te vergeten in wiens Naam we willen leven.

We krijgen nieuwe kansen en een nieuwe toekomst.

Zoudt Gij ooit mij beschamen
Onze Vader
Vredeswens
Vredeslied: Dona nobis pacem in terra
Uitnodiging aan de tafel van brood en wijn
Mogen wij mensen worden,
die als zussen en broers
het brood van deze wereld delen
en elkaar, in woord en daad, tot zegen zijn.
Sterk ons door Jouw voorbeeld God:
Jouw leven, gebroken en gedeeld tot voedsel voor ons allen. Kom aan tafel, niemand sluiten wij uit!

Lied: Veel te laat heb ik jou liefgekregen
Gebed:
Eeuwige,
waar mensen woorden spreken van jouw Zoon,
waar ze handelen naar zijn levensstijl,
daar is Hij werkzaam aanwezig.
Wij bidden Jou:
geef dat wij elkaar nabij zijn
met zijn liefde en zijn vrede.
Dit vragen we Jou
omwille van ieders welzijn. Amen.

Mededelingen
Slotgedachten:
Bemin en doe dan wat je wilt:
wil je zwijgen, zwijg uit liefde,
wil je schreeuwen, schreeuw uit liefde,
wil je corrigeren, doe het uit liefde,
wil je vergeven, vergeef uit liefde.
Draag de bron van liefde in je hart,
want uit liefde kan alleen het goede voortkomen.
Augustinus, preken op de Eerste brief van Johannes, preek 7,8

Zending en zegen
De Heer zij voor je om je de goede weg te wijzen.
De Heer zij naast je om je in de armen te sluiten en je te beschermen, tegen gevaren van links en rechts
De Heer zij achter je om je te bewaren voor gemene aanvallen van anderen.
De Heer zij onder je om je op te vangen als je valt of dreigt te vallen
De Heer zij in je om je te troosten als je verdrietig bent.
De Heer zij om je heen om je te verdedigen, als mensen over je heen vallen
De Heer zij boven je om je te zegenen.
Mag God zich over je ontfermen
Nu en altijd
Zo zegene je de algoede God. De Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen

27. Slotlied: Dat ik de aarde zou bewonen

Ga je mee door de poort? Eerste Communieviering

19 mei 2019
Ga je mee door de poort
| Eerste Communieviering
Voorganger: Franneke Hoeks
Met medewerking van De Cantorij o.l.v. Peter-Paul van Beekum

Openingslied Lied van de poorten

Aansteken paaskaars  samen met een communicant

Inleiding
Welkom allemaal. Groot en klein. Oud en jong. Bekend en onbekend. Kinderkerk en vaste bezoekers van onze vieringen.  Wat ontzettend fijn dat u, dat jullie er zijn.
Het is vandaag feest. Jullie doen vandaag je eerste communie. Voor de eerste keer gaan jullie met ons allemaal aan tafel zoals Jezus dat ooit met zijn vrienden deed.
De afgelopen maanden mocht ik met jullie en jullie ouders optrekken. We kwamen hier in Cello 6 keer bij elkaar om naar verhalen te luisteren, te praten met elkaar, te zingen en te knutselen. Steeds was daar ook iemand van de San Salvator bij die ons een verhaal over Jezus vertelden.
De poort waar we door binnenkwamen, speelde een belangrijke rol in die bijeenkomsten. Met de communicanten gingen we namelijk op ontdekkingsreis, die ons steeds door andere poorten leidde.  Wat dacht u van de poort van alle mensen, de poort die altijd openstaat, de poort van de goede gaven, de poort van de gedroogde tranen, de poort van samen eten en de poort van de herinnering. Prachtige poëtische namen. Iedere poort leerde ons iets over het land van God. Tijdens onze bijeenkomsten was de doorgang door de poort een vast ritueel. Met een grote stap of sierlijke sprong belande we in het mysterieuze en mooie land.  We ontdekten dat het land van God en niet zomaar is. Het idee en dromen misschien wel maar we moesten ook de handen uit de mouwen steken. We gingen achter de poort samen aan de slag door te tekenen, door samen te eten, door manieren te bedenken om het weer goed te maken. Veel van wat we gemaakt hebben hangt hier nu in onze ruimte. Daarmee wordt deze ruimte ook een beetje het land van God.
Afgelopen week hebben we voedsel ingezameld voor de voedselbank. Dat doen we bewust rondom de eerste communie. Een mooie manier om als gemeenschap heel concreet iets van het land van God zichtbaar te maken.  Helemaal prachtig als we daar de kinderen bij kunnen betrekken. Breken en delen wordt letterlijk zichtbaar.

Lees meer →

Maria No Mas

zaterdag 18 mei 2019  Maria No Mas

Voorganger Wilton Desmense
Lector Marga van de Koevering
Muzikale begeleiding Gieneke Ruyers, piano en Maria Werner, dwarsfluit
Cantor Hans Moerman

OPENINGSLIED: Gekomen is uw lieve mei

WELKOM

Van harte welkom in deze viering. Het woord staat hierin niet centraal, maar de nostalgie van het lied: je laten wegdrijven op vanouds bekende of minder bekende melodieën. Neurie ze mee of zing uit volle borst de woorden, of die je nou niets of alles zeggen. Maar toch wordt deze viering ook opgedragen aan de woorden van de goede boodschap: de kracht van de liefde voor de medemens. Wordt de essentie daarvan niet weergegeven in gevoelens van allerlei slag die wij kunnen hebben bij de namen Jezus en Maria? Het licht van de zon, de lach van de maan, de sterrentwinkeling van de hemel. En vooral: de mens in alle kleuren van de regenboog!

Gevoelens nemen het soms over van de rede en zelfs van wat je wezenlijk gelooft. Luister naar het volgende gebed:

Lees meer →

OVER HERDERS, SCHAPEN EN LEIDERSCHAP

SAN SALVATORGEMEENSCHAP 10 & 11 MEI
OVER HERDERS, SCHAPEN EN LEIDERSCHAP
Voorganger: Franneke Hoeks
Met medewerking van Melodiek o.l.v. Hans Waegemakers

 

OPENINGSLIED  Za| zo Heer onze heer
WELKOM
Welkom lieve mensen in deze ruimte. Fijn dat u, dat jullie naar hier gekomen zijn.
Of je hier nu iedere week te vinden bent, af en toe aan komt waaien of misschien wel voor het eerst hier bij San Salvator bent; weet dat je welkom bent.
We gaan samen een uur luisteren naar oude verhalen en kijken wat zij ons te zeggen hebben.
Een verbinding tussen vroeger en nu met misschien een glimpje toekomst dat zichtbaar wordt. Er is tijd voor stilte, gebed en muziek.
We zoeken hier niet alleen de verbinding in woorden, maar ook in het delen van brood en wijn met elkaar.
Het is vandaag Moederdag. Moeders worden in het zonnetje gezet.
Tsja…. In het kader van het thema van deze viering Over herders, schapen en leiderschap zou ik voor dit uur willen voorstellen dat we Moederdag even ombuigen tot hoederdag. Laten we breder kijken na alleen moederschap maar ons richten op het vieren van alles wat het leven hoedt.

GEBED
Eeuwige, we horen jouw stem in stilte
in de geluiden van de natuur
in het roepen van mensen
in de stemmen van kinderen
in oude verhalen.
Eeuwige , we voelen jouw aanwezigheid
in een lief gebaar van een ander
in woorden die richting geven
In mensen die inspireren.
Laat ons hier tot rust komen
zodat we met nieuwe oren kunnen luisteren
naar jouw stem,   Die stem die dwars
Door tijd en ruimte heen ons roept,
oproept te gaan de weg  van recht en vrede
en zo het  leven te hoeden.
ACCLAMATIE gij wacht op ons totdat wij open gaan

INLEIDING OP LEZINGEN

1E LEZING  Numeri 27
De Ene zei tegen Mozes: ‘Beklim het Abarimgebergte, zodat je kunt uitkijken over het land dat ik de Israëlieten geef.
Wanneer je het gezien hebt, zul je met je voorouders verenigd worden, net als je broer Aäron.
Dat is omdat jullie in de woestijn van Sin, toen de Israëlieten met verwijten kwamen over water, tegen mijn bevel zijn ingegaan en in hun bijzijn geen ontzag hebben getoond voor mijn heiligheid.’ Mozes antwoordde de Ene: Moge de Ene de God die aan al wat leeft de levensadem schenkt, dan iemand over het volk aanstellen die het kan leiden en de troepen kan aanvoeren, zodat het volk van de Ene niet wordt als een kudde schapen zonder herder.’
De Ene zei tegen Mozes: ‘Laat Jozua, de zoon van Nun, bij je komen; hij is een man die geestkracht bezit. Leg hem de hand op en laat hem plaatsnemen voor de priester Eleazar en voor de hele gemeenschap. Draag in ieders aanwezigheid de leiding aan hem over en laat hem delen in het aanzien dat jij geniet. Dan zal heel Israël hem voortaan gehoorzamen. Wanneer er een beslissing moet worden genomen, moet hij zich tot de priester Eleazar wenden, en die raadpleegt dan ten overstaan van de Ene de orakelstenen. Zijn uitspraak bepaalt of Jozua met de andere Israëlieten een veldtocht moet ondernemen of niet.’ Mozes deed wat de Ene hem had opgedragen: hij liet Jozua bij zich komen, liet hem plaatsnemen voor de priester Eleazar en voor de hele gemeenschap, legde hem de handen op en droeg de leiding aan hem over. Zo had de Ene het bij monde van Mozes bevolen.

LIED za Pelgrimstocht der mensen |  zon Verbeeld of waar gebeurd
2E LEZING: Johannes 10
In Jeruzalem werd het feest van de Tempelwijding gevierd; het was winter. Jezus liep in de tempel, in de zuilengang van Salomo. Daar kwamen de Joden om hem heen staan, en ze vroegen hem: ‘Hoe lang houdt u ons nog in het onzekere? Als u de Messias bent, zeg het ons dan ronduit.’ Jezus antwoordde: ‘Dat heb ik u al gezegd, maar u gelooft het niet. Wat ik namens mijn Vader doe getuigt over mij, maar u wilt me niet geloven, omdat u niet bij mijn schapen hoort. Mijn schapen luisteren naar mijn stem, ik ken ze en zij volgen mij. Ik geef ze eeuwig leven: ze zullen nooit verloren gaan en niemand zal ze uit mijn hand roven. Wat mijn Vader mij gegeven heeft gaat alles te boven, niemand kan het uit de hand van mijn Vader roven, en de Vader en ik zijn één.’
ACCLAMATIE zon Gij hebt woorden van eeuwig leven

OVERWEGING
Ik heb niet zoveel met beesten. Mijn kinderen grappen wel eens:  “Mama, zelfs een goudvis is bij jou niet in goede handen! Het is een wonder dat wij het overleefd hebben!” Als zorgen voor levende have een voorwaarde is om voor een geloofsgemeenschap te werken dan ben ik niet de juiste vrouw op de juiste plek.
Ik wil de verhalen van vandaag gebruiken om samen je u, met jullie na te denken over herders, schapen en leiderschap.
De lezingen in de weken na Pasen zijn bedoeld om te ontdekken wie Jezus nu eigenlijk was/is.  De verhalen van het Joodse volk vormen een fundament onder de verhalen die zijn volgelingen over hem vertelden. Verhalen die uiteindelijk terecht zijn gekomen in wat wij nu bijbel noemen. Het beeld van een herder die voor zijn schapen zorgt is een terugkerend thema. Dat is niet vreemd als je bedenkt dat deze verhalen geschreven zijn in een tijd dat herders en schapen onderdeel waren van de samenleving.
Nu zijn schaapskuddes vooral te vinden in afgebakende natuurgebieden.
In de tekst uit Numeri hoorden we hoe Mozes de Eeuwige vraagt om een nieuwe herder. Mozes weet dat hij het beloofde land niet zal binnengaan en vraagt God, behoorlijk direct –  om een nieuwe leider, zodat hij met een gerust hart het stokje kan overdragen.  Mozes – leider tegen wil en dank, vraagt god om een opvolger. Dat wordt Jozua.  Aangesteld vanuit het volk, door de eeuwige zal Jozua het volk naar het beloofde land brengen. Wel – dat vind ik dan wel weer frappant – onder toezicht van priester Eleazar.
Een Bijbelverhaal is nooit een feitelijke weergave van gebeurtenis. Verhalen zijn ook weer in een bepaalde periode op schrift gesteld. Belangen die in die tijd speelden – in dit geval in periode waarin priesters meer invloed wilde krijgen – worden het verhaal in geschreven. Jozua wordt een leider die zich moet verhouden tot andere leiders van het joodse volk. Een soort veiligheid clausule.
Verhalen zij  n niet statisch, maar worden levende materie door de mensen die ze opnieuw vertellen en duiden. Ook ik, ook wij hier vandaag, verhouden ons tot dat verhaal, proberen ze te duiden en mogen er een laag aan toevoegen. Zo blijven verhalen leven.
De scene uit het leven van Jezus die we net hoorden is helder in tijd en plaats. Het Chanoeka, een winterfeest dat het herstel van de joodse tempel viert. Jezus bevindt zich in de zuilengang van Salomo, de zoon van David. David die voor hij tot koning werd gezalfd schapenhoeder was. Hoe symbolisch! Feest van herstel van de tempel op de plek verbonden met grote koningen, die ook weer iets met schapen hadden.  En daar op dat moment ontvouwt zich een gesprek dat mij doet denken aan het tv-programma Wie is de mol. Ben jij het? Zeg het mij eens eerlijk? Ben jij de mol/messias?
In onze geloofsgeschiedenis is het natuurlijk geen spelletje. Jezus wil geen direct antwoord geven. Dat siert hem denk ik. Veel van de grote leiders in de Bijbelse traditie, zijn vaak leiders tegen wil en dank. Wie uit is op de rol van leider/herder is misschien niet de meest geschikte persoon voor die rol. Prat gaan op je positie is niet iets wat bij leiderschap hoort. Nee leiderschap is vooral dienstbaar zijn aan anderen, aan dat wat jou is toevertrouwd: mensen, dieren, aarde. Als iemand ons dat heeft laten zien is het Jezus wel.
Zoals ik Jezus in onze ontdekkingstocht van San Salvator heb leren kennen, is hij voor mij ook een beetje een leider tegen wil en dank. Ooit zei een wijze Ierse monnik tegen mij. “Wij hebben hem veel te groot gemaakt. Het gaat niet om Jezus zelf. Die moeten we niet op een voetstuk zetten. Nee het gaat om dat waar Jezus naar wijst: het Koningrijk van God.” Het gaat niet om wie de leider is, wie de baas is, maar het gaat erom dat we werken aan die droom van God, het goede leven voor allen. Dat is wat jezus ons over de grenzen van de dood heen duidelijk probeerde te maken. Geloven, Jezus volgen wordt daarmee iets van metterdaad en gaandeweg. Geloven en doen horen onlosmakelijk bij elkaar. Dat is niet nieuw, dat is de kern van wet en profeten.
Ik wil even terug naar het hier en nu. Wij zoals wij met elkaar geloofsgemeenschap zijn. Dat is een blijvende ontdekkingstocht, voor ieder van ons afzonderlijk, maar ook voor ons gezamenlijk als San Salvator. Ik werk voor jullie als lid van het pastoraatsteam. Wat doen je dan? Wat is je rol? Als ik moet zeggen wat ik doe, dan schroom ik vaak. Niet omdat ik niet vol overtuiging sta voor San Salvator, maar omdat ik het heel moeilijk vindt om te zeggen dat ik pastor ben. Lid het van het pastoraatsteam vind ik dan wat makkelijker. Wat is dat pastor-zijn? Ben ik dat wel? Kun je dat überhaupt van jezelf zeggen? Is dat niet een kwaliteit die anderen aan je toedichten?
En toch? Binnen de discussie over toekomst van de gemeenschap wordt wel eens gezegd; wie beslist? Waar ligt de regie? Hoe zorgen we voor afstemming? Hoe zorgen we voor beweging? Pffft dat is heel ingewikkeld met een – sorry voor de vergelijking lieve mensen – met een kudde schapen van een heel eigenwijs ras.  We -ik ook- zijn goed in het eigen-wijs zijn. In eigen-zinnnigheid.  Als gemeenschap gaat het niet of eigen-wijs of eigen-zinnig zijn, maar gaat het om samen zoeken, bezinnen, werken aan de droom van god voor de wereld. Eigenzinnigheid, eigenwijsheid is een groot goed maar kan ook verlammen.  Als kudde – nogmaals sorry voor de vergelijking- kun je niet te lang op dezelfde weide blijven grazen. Wie uiteindelijk de route uitstippelt is misschien minder relevant. Wel dat er af en toe iemand is die zegt he daar zouden wij als kudde wel iets kunnen halen en brengen. Herder als iemand in de voorhoede. Daarnaast mogen de schapen die niet mee kunnen ook niet uit beeld verdwijnen. De herder houdt ook binnen de kudde oog voor wat afdwaalt of verloren dreigt te lopen. Vooroplopen, verloren schapen opsporen of de achterhoede in de gaten houden het hoort er allemaal bij. Het is voor kuddes en gemeenschappen noodzakelijk om fris nieuw groen grasland te vinden en om steeds in beweging te blijven.

GELOOFSLIED Kom en volg mij op de weg

KLAARZETTEN VAN DE GAVEN  |  COLLECTE

VOORBEDE
Goede God, wij bidden, voor mensen die hoeders van leven zijn.
Mensen die in kleine of grote dingen van het leven een voorbeeld zijn voor anderen.
Dat zij ons keer op keer laten zien waar het in het leven echt om gaat.
Gij hart, gij bron van leven
Goede God we bidden voor wijsheid en inzicht voor politici en wereldleiders. Dat zij het goede voor ogen houden en daadwerkelijk hoeders van leven mogen zijn.
Gij hart, gij bron van leven
Goede God wij bidden voor ons eigen binnenste,
dat wij blijven vertrouwen op jouw droom van het goede leven voor allen. Dat we ons hart laten spreken en ons verstand gebruiken bij het realiseren van dit visioen op deze aarde.
Gij hart, gij bron van leven
Goede God,  wij bidden voor datgene wat geschreven staat in dit intentieboek. De grote en de kleine zaken die ons bezighouden. We bidden voor alle hoeders van leven waar ook ter wereld en staan stil bij mensen die ons zijn ontvallen. Zij blijven met ons verbonden.
Zon voor uw aangezicht

TAFELGEBED
Jij die genoemd wordt ‘God van mensen’.  Jij bent geen ander  dan die gezegd heeft: ‘Ik zal er zijn.
Ik ken je hart.  Ik roep je naam Ik zie je al van verre.’
Jij die het woord sprak,  voordat wij konden   antwoorden.  Jij die ons kende  eer wij geboren werden Wij danken je  dat wij bestaan voor Jou
en voor elkaar vanaf het begin.
OMDAT GIJ HET ZIJT
GROTER DAN ONS HART
DIE MIJ HEBT GEZIEN
EER IK WERD GEBOREN.

Jij bent met ons op weg gegaan Je bent gezocht, gevonden, doorverteld, beleden en gevierd.
In EEN mens heb je, meer dan ooit, laten zien
hoeveel je van ons houdt:  in Jezus van Nazareth,
kind van belofte, sprekend Jezelf.  Zijn licht is door de blinde gezien Zijn woord door de dove gehoord.
Zijn woord bracht leven.
Ook hem danken wij  omdat Hij ons uitzicht gaf,
een weg om samen te gaan.
OMDAT GIJ HET ZIJT…

In groot vertrouwen heeft Hij geleerd en voor­geleefd
hoe mensen kunnen zijn toen Hij op de laatste avond
afscheid van zijn vrienden nam.
Hij nam brood in zijn handen, brak het in stukken
en deelde het uit. Hij zei: Hier, neem en eet,
proef van het leven,  gebroken voor ieder van jullie,
als voorbode   dat je eens met mij  weer verenigd zult zijn  aan èèn tafel.
Hij nam de beker, ze­gende die en reikte hem over
met de woor­den: Neem deze beker van mij over,
deelt hem sa­men, het is mijn liefde  vergoten voor jullie. Doe wat ik heb gedaan en vergeet mij niet.
Zoals Hij leefde,  vol van goede Geest,  anderen beziel­den, zo gedenken we Hem  in brood en beker hier in ons midden.
OMDAT GIJ HET ZIJT…

Wij vieren zijn hoop op leven in ons hart neergelegd.
Voorgoed ligt nu de weg open naar de nieuwe wereld,
waar gerechtigheid voorop gaat  en vrede haar weg vindt waar mens en aarde elkaar dienen.
ONZE VADER

VREDESWENS
VREDESLIED zon Vrede wens ik je toe
DELEN
LIED za CD Shepherd moons (Enya) zon Waar vriendschap is en liefde
GEBED
MEDEDELINGEN

SLOTGEDACHTE  Een gedachte van Rabbi Elazar.

“Waarop lijkt iemand die meer wijsheid heeft dan werken? Op een boom met veel takken en met weinig wortels.
De wind komt op, ontwortelt hem en werpt hem onderste boven.
Waarop lijkt iemand met meer werken dan wijsheid? Op een boom met veel wortels en weinig takken.
Al komen alle winden van de aarde zich tegen hem keren, dan nog wordt hij niet weggerukt van zijn plaats”.

ZEGENWENS
Mogen wij voor elkaar een zegen zijn,
bij alles wat ons te doen staat,
alles wat we beleven mogen,
alles wat ons overkomt.
Mogen wij voor elkaar een zegen zijn,
in het leven dat we samen delen,
en hoeders van het leven zijn.
Mogen wij vandaag
voor elkaar een zegen zijn,
in ons verschillen en ons gelijken.
Dan zal de Eeuwige ons zegen, De eeuwige die we noemen:
Vader/Moeder, Zoon en heilige Geest.
Amen.
SLOTLIED Za Zouden wij ook eenmaal komen |  zo Een wereld vol mensen van allerlei sla

Hij is er en hij is er niet

DATUM: 5 mei 2019.

Voorganger: Ard Nieuwenbroek

Lees meer →

Pasen, telkens weer

Viering 27 en 28 april 2019

Thema: Pasen, telkens weer
Lectoren: Ria van Luijk en Frans Langemeijer/ Toon van Mierlo en Liesbeth van Leijen
Muzikale ondersteuning: Hans Moerman, cantor/ Melodiek; Coby Wagemans, piano
Voorganger: Corrie Dansen

Openingslied
Za: De vreugde voert ons naar dit huis
Zo: Hier wordt een huis voor God gebouwd

Welkom
Lieve mensen, Welkom wie je ook bent, wat je ook met je meedraagt aan vreugde en verdriet, aan licht en duisternis. Je aanwezigheid hier maakt dat we met elkaar kunnen vieren, ieder met zijn of haar eigen bijdrage. Welkom allemaal op deze tweede zaterdag/zondag van de Paastijd, vandaag met verhalen over menszijn, met alle vallen en opstaan die daar bij horen, verhalen over een keerpunt in iemands leven. Een, misschien bekend, verhaal over vallen en opstaan is dat van kunstschilder Ton Schulten. In 1991 kreeg hij een zwaar ongeluk, waarna hij drie dagen in coma lag. Tijdens die drie dagen kreeg hij visioenen in de prachtigste kleuren. Sindsdien probeert hij in zijn schilderijen die kleuren te benaderen. Echt laten zien wat hij gezien heeft kan niet, zegt hij, “dat is over de grenzen heen”. Toch is die ervaring voor hem altijd zijn inspiratiebron en wil hij anderen laten delen in de vreugde die hij ervaren heeft. Een aantal beelden met zijn kleuren gaan deze viering met ons mee.
Laten we nu eerst stil worden en ruimte maken in onszelf om ons te laten raken door wat we vanavond/vanmorgen horen, zien en ervaren.

Gebed
Jij onnoembare, die we ontoereikende namen geven, ben ons vanavond/vanmorgen nabij. Mogen we in de ruimte van ons hart, in de ruimte van de nabijheid met elkaar jouw aanwezigheid ervaren.

Acclamatie
Za: Licht zal ons leven zijn
Zo: Die ons voor het licht gemaakt hebt

Inleiding bij de lezingen:
We luisteren vandaag naar vertrouwde verhalen; dat over Jakob en de ladder naar de hemel en dat over de Emmaüsgangers. Frans en Ria / Toon en Liesbeth zullen die voor ons lezen.

Eerste lezing: Genesis 28: 10 – 22 Frans/Toon
Jakob verlies dus Berseba en ging op weg naar Charan. Op zijn tocht kwam hij bij een plaats waar hij bleef overnachten omdat de zon al was ondergegaan. Hij pakte een van de stenen die daar lagen, legde die onder zijn hoofd en ging op die plaats liggen slapen. Toen kreeg hij een droom. Hij zag een ladder die op de aarde stond en helemaal tot de hemel reikte, en daarlangs zag hij Gods engelen omhoog gaan en afdalen. Ook zag hij de Heer bij zich staan, die zei: ‘Ik ben de Heer, de God van je voorvader Abraham en de God van Isaak. Het land waarop je nu ligt te slapen zal ik aan jou en je nakomelingen geven. Je zult zoveel nakomelingen krijgen als er stof op de aarde is; je gebied zal zich uitbreiden naar het westen en het oosten, naar het noorden en het zuiden. Alle volken op aarde zullen wensen zo gezegend te worden als jij en je nakomelingen. Ikzelf sta je terzijde, ik zal je overal beschermen, waar je ook heen gaat, en ik zal je naar dit land terugbrengen; ik zal je niet alleen laten totdat ik gedaan heb wat ik je heb beloofd.’
Toen werd Jakob wakker. ‘Dit is zeker,’ zei hij, ‘op deze plaats is de Heer aanwezig. Dat besefte ik niet.’ Eerbied vervulde hem. ‘Wat een ontzagwekkende plaats is dit,’ zei hij, ‘dit is niets anders dan het huis van God, dit moet de poort van de hemel zijn!
De volgende morgen vroeg zette Jakob de steen die hij als hoofdsteun had gebruikt rechtop, en wijdde hem door er olie over uit te gieten. Hij gaf die plaats de naam Betel; vroeger heette het daar Luz. Daarna legde hij een gelofte af: ‘Als God mij ter zijde staat en mij op deze reis beschermt, als hij mij brood te eten geeft en kleren aan mijn lichaam, en als ik veilig terugkom bij mijn verwanten, dan zal de Heer mijn God zijn. Deze steen die ik gewijd heb, zal dan een huis van God worden – en ik beloof dat ik u dan een tiende zal afstaan van alles wat u mij geeft.

Lied
Za: De Heer heeft mij gezien
Zo: Wonen overal, nergens thuis

Tweede lezing: Lucas 24: 13 – 35 Ria/Liesbeth
Diezelfde dag gingen twee van de leerlingen op weg naar een dorp dat Emmaüs heet en op zestig stadie van Jeruzalem verwijderd ligt. Ze spraken met elkaar over alles wat er was voorgevallen. Terwijl ze zo met elkaar in gesprek waren, kwam Jezus zelf naar hen toe en liep met hen mee, maar hun blik werd vertroebeld, zodat ze hem niet herkenden. Hij vroeg hun: ‘Waar loopt u toch over te praten?’ Daarop bleven ze somber gestemd staan. Een van hen, die Kleopas heette, antwoordde: ‘Bent u dan de enige vreemdeling in Jeruzalem die niet weet wat daar deze dagen gebeurd is?’ Jezus vroeg hun: ‘Wat dan?’ Ze antwoordden: ‘Wat er gebeurd is met Jezus uit Nazaret, een machtig profeet in woord en daad in de ogen van God en van het hele volk. Onze hogepriesters en leiders hebben hem ter dood laten veroordelen en laten kruisigen. Wij leefden in de hoop dat hij degene was die Israël zou bevrijden, maar inmiddels is het de derde dag sinds dit alles gebeurd is. Bovendien hebben enkele vrouwen uit ons midden ons in verwarring gebracht. Toen ze vanmorgen vroeg naar het graf gingen, vonden ze zijn lichaam daar niet en ze kwamen zeggen dat er engelen aan hen waren verschenen. De engelen zeiden dat hij leeft. Een paar van ons zijn toen ook naar het graf gegaan en troffen het aan zoals de vrouwen hadden gezegd, maar Jezus zagen ze niet.’ Toen zei hij tegen hen: ‘Hebt u dan zo weinig verstand en bent u zo traag van begrip dat u niet geloofd in alles wat de profeten gezegd hebben? Moest de messias al dat lijden niet ondergaan om zijn glorie binnen te gaan?’ Daarna verklaarde hij hun wat er in al de Schriften over hem geschreven stond en hij begon bij Mozes en de profeten.
Ze naderden het dorp waarheen ze op weg waren. Jezus deed alsof hij verder wilde reizen. Maar ze drongen er sterk bij hem op aan om dat niet te doen en zeiden: ‘Blijf bij ons, want het is bijna avond en de dag loopt ten einde.’ Hij ging mee het dorp in en bleef bij hen. Toen hij met hen aan tafel lag, nam hij het brood, brak het en gaf het hun. Nu werden hun ogen geopend en herkenden ze hem. Maar hij werd onttrokken aan hun blik. Daarop zeiden ze tegen elkaar: ‘Brandde ons hart niet toen hij onderweg met ons sprak en de Schriften voor ons ontsloot?’ Ze stonden op en gingen meteen terug naar Jeruzalem, waar ze de elf en de anderen aantroffen, die tegen hen zeiden: ‘De Heer is werkelijk uit de dood opgewekt en hij is aan Simon verschenen!’ De twee leerlingen vertelden wat er onderweg gebeurd was en hoe hij zich kenbaar had gemaakt door het breken van het brood.

Za: Uw woord is een lamp
Zo: Oren en ogen gaan open voor jezus

Overweging
Boeiende verhalen, de lezingen van vandaag. Hoe meer ik me erin verdiepte, hoe meer ik de ervaring had dat ze alletwee gaan over wat je gemakshalve “het menselijk tekort” kunt noemen. En daarmee kwamen de mensen in de verhalen dichtbij me, werden hun verhalen herkenbaar voor me.
Jakobs bestemming is een vruchtbaar leven te leiden en zijn volk verder te brengen. Op cruciale momenten vertrouwt hij er niet op dat het goed komt, dat God het goed voor heeft met hem en gaat hij grenzen over in het contact met zijn vader en zijn broer. Hij liegt en bedriegt en beschaamt daarmee het vertrouwen dat ze in hem hebben. En dan, dan is de situatie thuis niet meer veilig voor hem. Jakob is niet meer thuis bij zichzelf. Hij moet weg, weg van z’n vader, die hij niet meer zal zien, weg van zijn moeder met wie hij zo’n sterke band heeft, weg van zijn broer, die zo woedend op hem is dat hij Jakob wel kan vermoorden.
Zo is het verhaal van Jakob een verhaal voor me over de worstelingen met wat er binnen in me kan spelen en over hoe ik me kan gedragen en waar ik me schuldig over voel of voor schaam. Over de strijd die ik voer met mijn ego. Over zaken waar ik mezelf voor veroordeel.
Het wordt donker in Jakobs leven. Hij komt bij de grens van het land van belofte, vervuld van gevoelens van wanhoop en vertwijfeling, hij voelt zich schuldig, schaamt zich voor wat hij heeft gedaan, hij is angstig en verdrietig. Eenzaam en alleen valt hij in slaap. En droomt zijn droom van bevrijding. Als hij wakker wordt richt hij zich op, hij voelt zich vergeven en kan zichzelf vergeven. Er is licht en lucht, hij kan weer ademhalen, weer leven, vruchtbaar zijn. Hij is dankbaar jegens God, die hij nabij weet en die hem draagt. Jakob heeft nog een lange weg te gaan. Hij zal nog veel momenten tegenkomen waarin hij zichzelf tegenvalt, maar hij weet dat het land van belofte op hem wacht. Deze ervaring van een ontmoeting met mededogen, een hand op z’n schouder, begripvol contact, een ontmoeting met die liefdevolle God legt voorgoed een bodem onder zijn bestaan. Hij weet nu dat het goed is dat hij bestaat, met al zijn lichte en schaduwkanten. Hij kan weer openstaan voor wie en wat er op zijn pad komt.
Ook met de Emmaüsgangers gaat het aanvankelijk niet goed. Hun hoop op een nieuwe wereld is de bodem ingeslagen, ze voelen zich verlaten, ze zijn leeg en gedesillusioneerd. Ze hebben niets meer om naar uit te kijken en zich voor in te zetten. Wat doen ze er nog toe?
Het verhaal roept associaties bij me op aan verschillende momenten in onze recente geschiedenis die me een gevoel gaven van “nu gaat het beter worden met onze wereld”. Bijvoorbeeld de ontmoeting van Reagan en Gorbatsjov in Reijkjavik, de val van de Berlijnse muur, de Arabische lente, Obama, die president werd. Momenten van hoop en verwachting. En nu een tijd waarin het soms voor me aanvoelt alsof verbindingen alleen maar verloren gaan en er geen nieuwe, positieve tot stand komen. Moedeloosheid kan me dan overvallen, de hoop die ik voelde verdwenen.
En dan is daar die vreemdeling met z’n verhalen van bevrijding, die het hart van de twee mensen laat branden. Het perspectief van bevrijding wekt hen op uit hun lethargie. Deze onbekende man willen ze niet loslaten, ze nodigen hem uit bij hen thuis. Als hij het brood breekt en deelt, weten ze het weer. Hier gaat het om! Een nieuwe wereld begint hier, bij ons. Ze weten weer waartoe ze uitgenodigd zijn, ze voelen zich geroepen. Ze staan op en leven weer, opgewekt uit het donker van moedeloosheid en teleurstelling. Ze gaan op weg naar de stad van vrede, om te doen wat Jezus voordeed: breken en delen en samen leven. Verhalen van bevrijding en opstaan doen.
Zo gaan beide verhalen voor mij over perspectief en toekomst. Over hoop en vertrouwen dat na het donker het licht er weer zal zijn. Weten dat je er mag zijn en dat je er toe doet. Dat de wereld niet zonder jouw bijdrage kan. Het is een uitnodiging om te doen waartoe je geroepen bent, met vallen en opstaan. En met elkaar. Het zijn verhalen van bevrijding, van opstaan en leven. Pasen, telkens weer!

Geloofslied
Za: Om warmte gaan we een leven
Zo: Om warmte gaan we een leven

Tafel klaarmaken en collecte:
Voorbeden Frans/Toon
Laten we bidden voor mensen die getroffen zijn door geweld. Dat er door verdriet, woede en verscheurdheid heen vertrouwen mag komen en moed om verder te gaan. Dat er mensen om hen heen zijn die hen niet verloren laten gaan.
Laten we bidden voor mensen die geweld gebruiken. Dat er aandacht is voor wat er aan donkers in hen leeft. Dat er voor hen een weg naar bevrijding van die donkerte mag bestaan.
Laten we bidden voor onszelf, voor onze momenten van moedeloosheid en wanhoop. Dat er mensen zijn die ons zién en bemoedigen. Dat we telkens opnieuw weer kunnen opstaan en leven.
Corrie
Laten we bidden voor wat er in onze harten leeft; voor wat er in ons intentieboek is opgeschreven; voor degenen die ziek zijn en de mensen om hen heen; voor de mensen die er niet meer zijn en toch bij ons blijven. Dat zij geborgen zijn in Jouw naam.

Acclamatie
za : Heer, onze God, wij bidden u verhoor ons
zo: Heer ontferm u/ Gedenk ons hier bijeen

Tafelgebed Ria/Liesbeth
Hoe hoopgevend is jouw naam:
Ik zal er zijn.
Hoe bevrijdend is jouw licht:
warm en verhelderend
Hoe liefdevol is jouw hand:
open en nabij
Hoe verfrissend is jouw bron:
zuiver en levengevend

jouw naam dragen wij met ons mee,
jouw licht willen wij uitdragen,
jouw hand maken wij tot de onze,
jouw bron laat ons leven stromen

om mens te zijn,
zoals Jij je had ingebeeld,
zorgend voor de aarde,
voor al wat leeft en is,

om mens te zijn,
zoals eens Jezus,
die ons voorging,
opkwam voor anderen,
trouw bleef aan Jou,
en zo aan zichzelf.

Corrie
In de avond voor zijn sterven
toonde hij nog eenmaal
wie hij was en blijven wou voor ons.

In het bijzijn van zijn vrienden heeft hij brood genomen,
dankte Jou voor het brood,
brak het en deelde het aan zijn vrienden met de woorden:
‘Neem en eet van dit brood, dit is mijn leven, ik geef het aan jullie.’

Hij nam een beker, sprak een dankgebed,
en zei daarbij:
‘Drink hieruit en proef van mijn liefde,
zodat mijn vreugde in u zal zijn en haar volheid bereikt.
Heb elkaar lief, zoals ik u heb lief gehad.’

In zijn geest zullen wij leven.
Zo zal jouw naam ‘Ik zal er zijn’
een blijvende belofte zijn,
zal het licht stralen,
zullen handen elkaar vinden
en bronnen van leven zullen stromen.

Zie de mens, nieuw geboren,
deuren zullen open gaan,
een nieuwe lente breekt aan,
de wereld komt tot leven.

Zijn woorden indachtig,
zal jouw koninkrijk komen,
daarom bidden wij:

Onze Vader, die ….

Vredewens: Laten we elkaar uitnodigen om licht te zijn en vrede te verspreiden. Wensen we elkaar daartoe vrede en alle goeds.

Vredeslied
Za: Stad van vrede
Zo: Dona nobis pacem in terra

Uitnodiging aan tafel: In het breken van het brood herkenden ze hem. Laten we dat ook vandaag doen, brood breken en delen, hem herkennen en zijn boodschap met ons meedragen naar huis en verder. Iedereen van harte uitgenodigd.
Communielied
Za: Gij komt tot ons
Zo: Eet en drinkt van brood en wijn

Afsluiting tafelgedeelte: in stilte

Goed om te weten:
Bloemetje van de week:
Slotgedachte: Ria/Liesbeth
Als de dag begint, een tekst van Anselm Grün bij dit schilderij van Ton Schulten
Elke morgen bevat een belofte: ik kan opnieuw beginnen. De dag ligt nog ongerept voor me. Voor ons christenen is elke morgen ook een beeld van de opstanding. De zon gaat elke morgen op en overwint de duisternis. De zon laat ons leven in een nieuw licht stralen.
Anselm Grün, bij werken van Ton Schulten, in “Het geheim van de weg”

Zegen Corrie
Gij
Met uw naam Ik-zal-er-Zijn,
die ontferming bent en liefde,

zie ons,
met al wat wij zijn en niet zijn,

kom over ons met uw geest,
dat wij nieuw worden

en opstaan uit alles
wat geen leven is, geen leven geeft. (Franck Ploum: Onze Vader wat zeg je?; Reisleider bij een oergebed, blz 80)

Vragen we daartoe de zegen van elkaar en van die wij noemen Vader, Zoon en Goede Geest.

Slotlied
Za: Dans van de zee
Zo: Levens is van zeven dagen

Hij leeft en doet leven

Thema van de Paasviering:  Hij leeft en doet leven
21 april 2019
Voorganger: Ard Nieuwenbroek

OPENINGSLIED: In den beginnen het Woord

Pasen, het onvoorstelbare nieuwe begin.
Omdat liefde toch sterker is dan de dood.
Omdat God trouw is en geen mens loslaat.
Laat al het donkere achter je, het is voorbij. Licht op de kaars wordt aangestoken.
Pasen is de eerste dag van de rest van je leven.
Morning has broken, like the first morning,
blackbird has spoken, like the first bird.
Praise for the singing, praise for the morning
Praise for them springing fresh from the world

Je bent welkom, hoe en wie je ook bent. Op deze Paasochtend vieren we het opgestane leven. Nieuw leven. We worden geroepen tot nieuw leven. We worden in deze viering geroepen met onze naam.

De afgelopen week las ik van een mooi mens persoonlijke woorden die ik hier graag wil laten horen als inleiding op deze viering:

Het is voor mij een jaar van verlies en verdriet. En de verleiding is groot om daarin ten onder te willen gaan, te willen worden opgeslokt door het verlies en te verdwijnen. Het voelt als een woestijn. Alleen maar leegte en dorheid die je in het niets laat verdorsten. Niets lijkt te willen groeien, geen water, geen leven, geen energie om nog verder te gaan. En toch is daar die stem in de woestijn. De stem die van binnenuit roept: ‘Dit is niet het einde; je bent veel meer dan wat je overkomt, de kracht in jou blijft altijd bestaan’. Die stem die tot mij komt vanuit chaos en verdriet en zegt dat alles weer goed komt. Die stem die mij weer richting geeft en rustig maakt. Ik ben niet alleen, ik word niet teruggeworpen op mijzelf. Ik ben meer dan het verdriet en de pijn. Ik heb een keuze om naar de stem te luisteren en mij in vertrouwen te laten leiden op nieuwe wegen. Tranen banen een weg door de woestijn en er is weer nieuw leven en nieuwe hoop. Mijn innerlijke stem is mijn ziel, mijn verbinding met God. Die stem die mij altijd bij naam roept, maar die misschien wel het duidelijkst hoorbaar is in de woestijn….

Laten we, voordat we gaan luisteren, zingen en nadenken, de stilte zoeken in onszelf en om ons heen om onze ogen, oren en harten te openen.

GEBED

Onnoembare:
In jouw naam, en vanuit jouw goddelijke energie, zijn we op deze Paasochtend hier samen. Onze harten, handen, ogen en oren wijd open. Jij voedt ons met woorden en daden. O God, wat is onze aandacht toch vaak naar buiten gericht. De meeste tijd van de dag zijn we bezig met de wereld om ons heen zoveel mogelijk naar onze handen te zetten. We scheppen orde in ons huis, houden contact met vrienden; we verzetten bakens op ons werk, doen wat we kunnen in de buurt of vereniging. Bij al dit drukke doen in de buitenwereld komen we maar weinig toe aan de vraag waar we zelf staan op dit moment, wat we het liefste zouden willen, wie we ten diepste zijn. Op zielsniveau. In jouw naam. Laat ons daar tijd voor maken.

Lied: Dat wij volstromen met levensadem

Op deze Paasmorgen beginnen we met het Paasevangelie. Melodiek zal dit zingend bij ons tot leven brengen.

Gezongen Paasevangelie: Op de eerste dag van de week

Acclamatie: Toen zag ik de doden staan voor de troon

2e LEZING
God zelf stelt nogal wat vragen aan ons. Jezus zelf roept God aan met de grote vraag: ‘Mijn God, mijn God, waarom hebt U mij verlaten?’ Een vraag van wanhoop, van protest, van grote eenzaamheid. En tegelijk een gebed. De vraag is gericht aan de God die in Jezus naar ons afdaalde.   Onze vragen krijgen tot op de dag van vandaag antwoorden in het geleefde leven, in onze ervaringen, in gebeurtenissen. Daarvoor is geduld en volharding nodig. Het antwoord komt niet snel en gemakkelijk. Het antwoord klinkt met Pasen in de opstanding, maar onze wereld kent en herkent dat antwoord niet. Het antwoord is een stem die ‘Maria’ zegt. Het zijn de wonden getoond aan de discipel Thomas, zijn handen die brood breken. Het is een vreemdeling onderweg naar Emmaüs. Zo herkennen wij Jezus, die ‘door God opnieuw in het speelveld wordt gezet’.  Telkens weer lezen we de verhalen van de Schrift, in telkens andere levensomstandigheden. Gaandeweg komen we God op het spoor. Het gaat dus om grote, trage vragen en antwoorden die niet ongeduldig gegeven kunnen worden; antwoorden die je niet zomaar even ‘uitlegt’. Maar opstanding gebeurt tot op de dag van vandaag. Pasen is een revolutie die nog steeds gaande is, als een ondergrondse rivier die af en toe opduikt.
Tomáš Halík

LIED:   Het zal in alle vroegte zijn

OVERWEGING
En dan staat Jezus daar. Dan komt hij naar haar toe. En dan herkent ze hem niet. Zij ziet de tuinman. Als je dat een moment op je in laat werken, dan voel je even later hoe vreemd dat eigenlijk is. De tuinman? En als je naar het schilderij van Rembrandt kijkt, dan zie je het nog beter. Hij laat ons door de ogen van Maria Magdalena kijken: wij zien ook een tuinman. Met een enorme hoed en een schep. Rembrandt heeft kennelijk het gekke van dat beeld bij Johannes gezien. En ik heb trouwens sterk de indruk dat hij er ook de humor van heeft ingezien. Waarom herkent Maria Jezus niet? We kunnen er alleen maar naar gissen. Is ze te verdrietig? Nu ja, je zou net zo goed kunnen vragen: waarom herkennen wij Jezus niet, als hij in ons leven komt? Als hij naar ons toe komt in ons verdriet? Als hij komt, om juist in onze tranen bij ons te zijn. Als hij mét ons is als wij met lege handen staan… Wij zien de tekenen van zijn aanwezigheid dan toch ook niet altijd? Juist als het erop aan komt, dan is hij met ons. Maar wij herkennen hem niet.

Maar dan spreekt hij haar aan. Jezus zegt tegen haar: Maria. En zij keert zich om en zegt tegen hem: Rabbuni! Jezus zegt alleen maar haar naam! En dat is het. Dit is zo’n ongelofelijk intiem moment. En juist daardoor zo sterk. Zo ontroerend, als je het tot je door laat dringen. Waarom? Omdat het zo gewoon is, zo alledaags. Jezus zegt alleen maar haar naam. Het zijn geen hemelse taferelen, geen lichtflitsen, geen luide stem met enorme galm. Nee, het is: dat je bij je naam genoemd wordt. Je naam, die je moeder en je vader je gegeven hebben. Je naam: die jou uniek maakt. Als je bij je naam genoemd wordt, dan weet je: ik word gekend, gezien. Ik doe er toe. Iets vergelijkbaars gebeurde er ooit in een Koreaans weeshuis waar twee in Nederland geadopteerde meisjes voor het eerst de zaal binnen kwamen waar ze ooit als baby verbleven. Een van hen vroeg aan de directeur hoe ze in het begin van haar leven aan haar naam was gekomen. De directeur deed dat af met: ‘Ach, we prikten gewoon een naam uit een namenboekje’. Op dat moment zie je hoe dat geadopteerde meisje instort. Gelukkig ziet een van de ook aanwezige verzorgsters dit en neemt het woord van de directeur over. Ze zei:’ Mag ik iets toevoegen hoe het eigenlijk ging? We pakten een pasgeboren baby op en tilden het omhoog in het zonlicht, zodat we er goed naar konden kijken. En dan gaven we dat kind een naam die bij haar paste’.  Het geadopteerde meisje komt op dat moment weer helemaal tot leven. Ze glundert en straalt en is stil. Ook hier komt een mens tot leven. Een mens zonder naam en zonder hoop wordt een mens met toekomst. Een mens die eenzaam was, wordt een mens met een levende stem in de oren. Noem mij bij mijn naam. Of zoals Neeltje Maria Min het verwoordde: ‘Noem mij, noem mij, spreek mij aan. O, noem mij bij mijn diepste naam’.
Zo worden ook wij vandaag tot leven geroepen. Jezus staat op uit het graf en verschijnt als een tuinman aan Maria Magdalena. Dat betekent: werk aan de winkel! Geen hemelse toestanden, geen trompetten. Want het leven speelt zich af in het gewone, in het alledaagse. Laten we elkaar bij naam noemen en daarmee elkaar, in zijn naam, tot leven brengen. Zo herkennen we hem in ons leven. Zo leeft God midden onder ons.

GELOOFSLIED: Uit staat en stand en wijsheid losgewoeld

KLAARMAKEN VAN DE TAFEL /COLLECTE

VOORBEDEN

Eeuwige,
Vroeg in de morgen; bevroren dauw ligt op het land, gaan wij op weg.  Geen stok om mee te gaan, een eerste struikelpas, steun voor elkaar. Nog onvervuld, verlangend zoeken wij in onze ziel de ruimte van het land, de wijdte van de tijd, een vriend, onze God. Wees ons toch nabij. Opdat jouw Goddelijke energie kan stromen in onszelf en in mensen om ons hen.

Eeuwige,
Met de opstanding van de Heer klopt ons hart vol verwachting. Geef ons tijd en ruimte om de stem van onze ziel vol verwachting te vernieuwen, te vitaliseren en meer toe te laten.

Eeuwige,
Wereldleiders staan voor een zware taak. Vanuit een grote verantwoordelijkheid dragen zij zorg voor zovelen en voor Moeder Aarde. Beziel hen toch met jouw Geest, opdat zij hun innerlijke stem van de ziel vast kunnen houden.

Eeuwige,
In onze levenstocht in de wereld komen we onszelf soms tegen. Ervaringen uit het verleden houden ons soms gevangen. We durven niet de wereld in te gaan uit angst opnieuw beschadigd te raken. Spreek ons aan met onze naam en adem ons open met jouw goddelijk vertrouwen in het leven. Opdat we in jouw naam het leven vieren, samen met anderen.

Eeuwige,
Vandaag bidden we ook voor de gebeden die in ons intentieboek staan geschreven.  We gedenken hen die zijn overleden en niet meer in ons midden zijn. We bidden dat ze als zielen in hun licht en warmte mogen zijn. Vandaag noemen we in het bijzonder…..

ACCLAMATIE: Kom over ons met uw Geest
Koester de namen

TAFELGEBED

Gezegend Jij, die onze oren opent, ons laat luisteren naar de mensen: hun plezier en hun noodkreet naar de aarde: haar klanken en haar zuchten
Gezegend Jij, die onze monden opent, ons laat spreken woorden van vergeving ons laat zingen tonen van vrede ons laat proeven geluk van leven
Gezegend Jij, die onze ogen opent ons laat zien ongerechtigheid en lijden, opstand en hulpvaardigheid, ons licht geeft en inzicht hoe kwetsbaar de schepping is.
Gezegend Jij, die onze zielen opent, ons laat voelen warmte en mildheid ons laat geven, goedheid en nabijheid, ons laat ontvangen, mensen van goede wil.
Gezegend Jij, die onze harten opent, ons laat raken door eenvoud en broosheid, vriendschap en liefde en ons aanspreekt door Jezus naar wie we ook vandaag reikhalzend uitkijken.

In de avond voor zijn sterven, nam hij brood in zijn handen, sprak zijn dank uit naar Jou, brak het en deelde het aan zijn vrienden met de woorden: dit is mijn leven, gebroken voor jullie, deel en eet dit met elkaar, telkens opnieuw, breng zo de hemel bij de mensen.

Zo nam hij ook de wijn, gaf die door en zei daarbij: dit is mijn liefde, tot vreugde van iedereen, drink samen uit deze beker, als vrienden aan één tafel. Blijf dit doen, als levende herinnering aan mij.

Zo willen wij op weg gaan, in zijn geest, zo willen wij bidden, met woorden die Hij ons gegeven heeft:

ONZE VADER

VREDESWENS

VREDESLIED: De vrede, de vrede zal zijn

BREKEN EN DELEN: Victimae paschali laudes

AFSLUITEND GEBED AAN TAFEL,

SLOTGEDACHTE

Laten we  niet meer morsen met de dagen die we steeds weer kwijtraken.
Laten we geen engelen zijn, maar als het kan toch ook geen duivels.
Laten we moed houden, durven wankelen en redden wat er te redden valt.
Laten we doen wat moet gebeuren en mild zijn voor wie dat nog niet kan.
Laten we ze openlaten: onze deuren, onze armen, onze geesten.
Laten we pantsers afleggen, en de ander tegemoet treden, telkens weer.
Laten we slapende honden keihard wakker maken. Blijven geloven in dromen die ook uitkomen..
Laten we begrijpen wat de liefde is, onthouden dat dat alles is, of toch bijna.
Laten we durven. Ja.

Griet op de Beeck

Gezongen zegenwens: Gij, Levende, Eerste en Laatste

SLOTLIED: O schoonheid uw verbrand gezicht