Uit de Profeet Amos 8,4-10a
Hoort toe, gij die de armen uitperst en de eenvoudige mensen in het land graag ziet verdwijnen,
gij die redeneert: wanneer is de nieuwe maan voorbij?
dan kunnen we ons koren verkopen! En wanneer de Sabbat? dan kunnen we ons graan uitstallen.
Dan verkleinen wij de korenmaat, dan verhogen wij de prijs en bedriegen wij met een vervalste weegschaal.
Dan kopen wij de kleine man voor geld,
de arme voor een paar sandalen,
en verhandelen wij zelfs het uitschot van ons koren.
De Heer heeft gezworen bij de heerlijkheid van Jakob: Geen van hun daden zal Ik ooit vergeten!
Daarom zal de aarde gaan beven en al haar bewoners zullen rouwen.
Heel de aarde zal rijzen en weer dalen ,zoals de rivier de Nijl.
Op die dag -zo luidt de godsspraak van de Heer, JAHWEH- doe ik de zon ondergaan op het middaguur, verduister ik de aarde op klaarlichte dag.
Dan doe ik uw feesten in rouw veranderen, al uw liederen in rouwklachten.
EVANGELIE Lc., 16, 19-31
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Lucas
In die tijd zei Jezus tot de Farizeeën: “Er was eens een rijk man die in purper en fijn linnen gekleed ging en iedere dag uitbundig feest vierde, terwijl een arme, die Lazarus heette, met zweren overdekt voor de poort lag. Hij verlangde er naar zijn honger te stillen met wat bij de rijkaard van de tafel viel. Maar er kwamen alleen honden die zijn zweren likten. Nu gebeurde het dat de arme stierf en door de engelen in de schoot van Abraham werd gedragen. De rijke stierf ook en kreeg een eervolle begrafenis. In de onderwereld, ten prooi aan vele pijnen sloeg hij zijn ogen op en zag van verre Abraham en Lazarus in diens schoot. Toen riep hij uit: Vader Abraham, ontferm u over mij en geef Lazarus opdracht de top van zijn vinger in water te dopen en mijn tong daarmee te komen verfrissen, want ik word door de vlammen hier gefolterd. Maar Abraham antwoordde: Mijn zoon, herinner u hoe gij tijdens uw leven uw deel van het goede hebt gekregen en hoe op gelijke manier aan Lazarus het kwade ten deel viel; daarom ondervindt hij nu hier de vertroosting maar wordt gij gefolterd. Daarenboven gaapt er tussen ons en u voorgoed een wijde kloof, zodat er geen mogelijkheid bestaat, – zelfs als men zou willen – van hier naar u te gaan noch van daar naar ons te komen. De rijke zei: Dan vraag ik u, vader, dat gij hem naar het huis van mijn vader wilt sturen, want ik heb nog vijf broers; laat hij hen waarschuwen opdat zij niet eveneens in deze plaats van pijniging terecht komen. Maar Abraham sprak: Zij hebben Mozes en de profeten; laat ze naar hen luisteren. Maar hij zei:
Och neen, vader Abraham! Maar als er een uit de doden naar hen toegaat, zullen ze zich bekeren. Hij echter sprak tot hem: Als ze naar Mozes en de profeten niet luisteren, zullen ze zich ook niet laten overreden als er iemand uit de doden opstaat.”
Handen heb je om te geven
van je eigen overvloed
en een hart om te vergeven
wat een ander jou misdoet
ogen heb je om te zoeken
naar wat mensen nog ontbreekt
en een hart om uit te zeggen
wat een ander moed inspreekt
schouders heb je om te dragen
zorg en pijn van alleman
en een hart om te aanvaarden
wat een ander beter kan
voeten heb je om te lopen
naar de mens die eenzaam is
en een hart om waar te maken
dat geen mens een eiland is.
Oren heb je om te horen
Naar de Mens die vrede is
En een hart om te geloven
In zijn God die liefde is.
Open je oren om te horen
Open je hart voor alleman
