Geld maakt niet gelukkig

4 augustus 2019
Voorganger: Ard Nieuwenbroek

OPENINGSLIED: Heer onze Heer, hoe zijt Gij aanwezig

Welkom vandaag aan iedereen. Misschien naar hier gekomen met een verwachting. Zoekend naar stilte, inspiratie of naar iets wat je bemoedigt. Vertrokken vanuit veraf of dichtbij. Gezien door anderen of juist niet. Verlangend te mogen zijn wie je wilt zijn. Zoekend naar verbinding die je tot mens maakt.

Vandaag gaat het over geluk. Door zoveel mensen begeerd, door zoveel mensen niet gevonden. Het is een bijna magisch begrip, dat geluk. Een ding wordt vandaag, via een bijbelverhaal, wel duidelijk. Jezus koppelt geluk niet aan geld of bezit. Waar hangt geluk dan wel van af?

Laten we, voordat we gaan luisteren, zingen en nadenken,  de stilte zoeken in onszelf en om ons heen.

GEBED

Alomzijnde:
Dank, dat je bij ons bent en dat we dat zeker mogen weten. Je belooft in jouw woord dat waar twee of drie samen zijn in jouw naam, jij bij hen bent. Dat geeft ons vertrouwen. Dat geeft ons ook de moed en de kracht om elkaar vanuit ons hart te willen zien. Wees ons ook hier nabij en strooi jouw liefde en wijsheid over ons uit. Hier en nu, straks en ooit.

LIED: Onhoorbaar, onzichtbaar.

1e LEZING

Enquêtes wijzen uit, en wie goed luistert naar wat mensen zeggen over hun geloof kan het bevestigen: steeds minder mensen geloven nog in een ‘ transcendente’, de wereld overstijgende god, ook wel objectieve god genoemd. Een almachtig persoon. Ingrijper, of juist geen ingrijper, schepper. Onbeweeglijke beweger- jegens dit ‘godsbeeld’ het officiële zeg maar, valt een groeiende wrevel, zelfs afkeer, waar te nemen. Daarentegen blijken steeds meer ‘ gelovigen’ te geloven in een
‘immanente’ god die zij menen te ervaren in hun diepste zelf. Afdalend in zichzelf stuiten ze op een onverwoestbare kern, en dat diepste van hun wezen noemen zij ‘god’ . God noemen zij de innerlijke kracht die hen aanzet het goede te doen. Een innerlijke god die ons in de buurt van geluk brengt. Een innerlijke god die ons van binnenuit uitnodigt mens te zijn met andere mensen. Waardoor geluk bijna als vanzelf een kans krijgt, in ons stroomt, ons toevalt.
Huub Oosterhuis

LIED: Gij komt tot ons in duizend dingen

2e LEZING
Lucas 12, 13-21
Daarna zei iemand uit de groep tegen Jezus: ‘Meester, zeg tegen mijn broer dat hij de erfenis met mij moet delen.’ Maar Jezus zei: ‘Het is niet mijn taak om te beslissen over dat soort dingen.’ Ook zei hij: ‘Pas op voor het verlangen naar steeds meer bezit. Kijk daarvoor uit. Je kunt heel veel bezitten, maar je leven kun je nooit bezitten.’ Toen gaf Jezus een voorbeeld: ‘Een rijke man heeft een groot stuk land dat vol staat met koren. Hij denkt: Wat moet ik doen? In mijn schuren is niet genoeg plaats voor al het graan. Dan denkt de man: Weet je wat? Ik breek mijn oude schuren af en ik bouw nieuwe schuren die veel groter zijn. Daarin bewaar ik dan het graan en al mijn bezit. Dan kan ik tegen mezelf zeggen: Zo, nu ben ik rijk. Ik heb genoeg om jaren van te leven! Ik ga nu lekker uitrusten, eten, drinken en feestvieren. Maar God zegt tegen hem: ‘Je bent een domme man. Want vannacht zul je sterven. En voor wie is dan je rijkdom?

LIED: Oren en ogen gaan open voor Jezus

OVERWEGING
De Bijbel geeft ons in metaforische taal levenslessen. Zo ook vandaag. Eigenlijk gaat het in het Evangelie over geluk. Over de vraag: wat is geluk eigenlijk en wanneer ben je gelukkig? Het antwoord is duidelijk: als je geluk afhangt van je bezit, van je geld, dan is de kans op werkelijk geluk klein of zelfs afwezig. In ons Nederlands taalgebruik is daar een spreekwoord op gebaseerd dat luidt: ‘Geld maakt niet gelukkig’. Natuurlijk helpt het bezit van geld wel een beetje om gelukkig te kunnen zijn. Maar toch: zelfs bij de armsten der armsten zien we geluk. Zo ben ik iedere keer weer verbaasd als ik in sloppenwijken, tussen het stof en de stront in, kinderen stralend zie spelen met het meest simpele speelgoed wat er bestaat: een roestig conservenblikje. Dat brengt me vaak tot de bijna existentiële vraag: ‘Wat is in het menselijk bestaan geluk?’.  Dirk de Wachter, een Vlaams psychiater, is er duidelijk over. In zijn woorden zegt hij dat geluk vooral  bestaat in de momenten  waarbij je het niet-gelukkig zijn durft te omarmen. Najagen van geluk, met als achtergrond de vraag ‘wanneer ben ik nou eindelijk eens gelukkig?’, leidt juist tot het niet vinden of ervaren van geluk. Ik moet altijd een beetje lachen om de reclame van het zogenaamde Zwitserleven gevoel. Als je eindelijk gepensioneerd bent kan het grote gelukkig zijn beginnen. Of zoals het in het evangelie staat:  Zo, nu ben ik rijk. Ik heb genoeg om jaren van te leven! Ik ga nu lekker uitrusten, eten, drinken en feestvieren. Nou, daar heb ik zo mijn twijfels over. Het Zwitserleven zegt wel iets over hoe de reclame en media ons proberen te verleiden geluk vooral te koppelen aan hun denkbeelden van materieel geluk. Frédéric Lenoir heeft mij op een andere weg gewezen die mogelijk kan leiden tot geluk. Hij stelt vast dat wie werkt aan het geluk van anderen, ook aan zijn eigen geluk werkt. Dat is geen tegenstelling tussen eigenliefde en liefde voor anderen, tussen gelukkig zijn en gelukkig maken. Integendeel, interesse in een ander vermindert het egocentrisme, en juist dat egocentrisme is een van de belangrijkste oorzaken van ongeluk. Het ware geluk is onlosmakelijk verbonden met altruïsme, want altruïsme maakt deel uit van de essentiële goedheid die samengaat met de diepgevoelde wens van eenieder om zich in het leven te ontplooien. Het is een liefde die altijd aanwezig is. Steunend op een, zoals Oosterhuis dat zo mooi noemt, onverwoestbare kern diep in onszelf. Een kern die we ook wel god noemen. Mooie en ingewikkelde woorden die zomaar een Bijbelse betekenis kunnen krijgen. De voorbeelden die Jezus in de verhalen over hem ons immers bij voortduring geeft, gaan juist over jezelf geven aan een ander. Bij hem zelfs tot de dood erop volgt.  Ook weer grote woorden. Wat betekent dat voor ons in het dagelijks leven? Feitelijk gaat het om de dynamiek van geven en ontvangen. Wat gebeurt er met mij als wat ik aan een ander geef, aandacht bijvoorbeeld, door die ander wordt ontvangen? En dat die ander mij ook laat weten dat mijn geven door hem of haar is ontvangen. Dat bevestigt dat ik iets betekent heb, hoe klein dan ook, voor die ander. Voor mij is dat de werkelijke kiem van geluk. Het besef: ik doe ertoe en ik besef dat. Levinas heeft het op zijn manier prachtig verwoord: ‘Ik word ik in het aangezicht van de ander’. De Franse filosoof Gabriel Marcel zei het op zijn eigen manier: “ Ik ben pas degene die ik ben , in mijn ontmoeting met de ander”   We hebben de ander nodig om geluk in onszelf te ontwikkelen. Mensen worden mensen door mensen. We hebben elkaar nodig. In de ontmoeting met een ander kunnen vonken van geluk overspringen. Maar ja, wat doen we dan met die gelukservaringen in je eentje? Midden in de natuur, genietend van de pracht en eenvoud van die ene vlinder? Ja, dat zijn zeker ook geluksmomenten, op dat moment in je eentje. Mijn vermoedens zijn dat zulke momenten vooral mogelijk zijn als die zijn voorafgegaan door medemenselijke ervaringen. Dat je ook in je eentje geluk kunt ervaren als het zaadje van intermenselijk geluk is gelegd en ontkiemd. Daar is inderdaad geen geld voor nodig. Daar hebben we mensen voor nodig. Zoals in de Bijbelse verhalen Jezus zo’n mens is geweest. Inspirerend, uitdagend en adembenemend.

GELOOFSLIED: Kom en volg mij op de weg

KLAARMAKEN VAN DE TAFEL /COLLECTE

VOORBEDEN

Eeuwige,
Vandaag bidden we u om kiemkracht voor het levenszaad dat jij ons hebt gegeven.  Geef ons jouw vruchtbare geest en ben dicht bij ons.

Eeuwige,
Op zoveel momenten in ons leven groeien de zaden van liefde en geluk in ons eenzaam hart. Geef ons liefdevolle mensen om ons heen die ons in staat stellen de zaden van liefde tot ontkieming te brengen.

Eeuwige,
We bidden voor mensen die, in de zelfkant van het leven, hun zaden van boosheid, wanhoop en verdriet niet meer de baas zijn. Voor allen die lijden aan verslaving en geweld bidden we om kracht en vertrouwen.

Eeuwige,
Vandaag bidden we jou ook om verlossing van zovele mensen die lijden onder het kwaad van anderen: vluchtelingen, slachtoffers van seksueel misbruik, gemartelden en politiek gevangenen. Sta hen bij met jouw troostende levensenergie.

Eeuwige,
Vandaag bidden we ook voor de gebeden die met zachte hand in ons gebedenboek staan geschreven.  Ook gedenken we nu onze voorouders en onze ouders die ons zowel zaden van vrede,  vreugde en geluk  en ook zaden van verdriet en boosheid hebben gegeven. In jou danken we hen voor hun menselijke goedheid en gedenken hen speciaal als ze zijn overleden en niet meer in ons aardse midden zijn. Vandaag noemen we in het bijzonder

ACCLAMATIE: Heer ontferm u.

TAFELGEBED
Gezegend, jij, God-met-ons en God-in-ons. Uit jouw liefde is ons leven ontstaan, uit jouw handen mogen wij het leven ontvangen, om ten volle mens te zijn, in al onze grootsheid, in al onze kleinheid. Om gelukkig te mogen en kunnen zijn.

Wij willen jou danken voor dit leven, voor de schoonheid en de vreugde, voor de kwetsbaarheid en gebrokenheid, voor de liefde en verbondenheid om samen met anderen door het leven te gaan, elkaar te dragen en ons gedragen te weten. Om samen het geluk te vinden, wat dat ook moge zijn. Elkaar te zien in wie we werkelijk zijn.

Wij willen jou danken voor jouw zoon Jezus, die zijn hand op onze schouders wil leggen om onze lasten te kunnen dragen: zachtmoedig naar anderen en naar onszelf. Zijn hand van vertrouwen die ons uitnodigt mens onder de mensen te zijn. Te delen, te geven en te ontvangen. Zoals hij willen wij in alle eenvoud het leven van onszelf en anderen dragen, in vertrouwen op jou dat jij ons ziet en niet laat vallen.

Zo dragen wij hem met ons mee, want op de laatste avond van zijn leven, heeft  hij ons zijn lijf en ziel voor eeuwig gegeven.

In het bijzijn van zijn vrienden heeft Jezus brood genomen,  dankte jou voor het brood, brak het en deelde het aan zijn vrienden met de woorden: ‘Neem en eet van dit brood,  dit is mijn leven, ik geef het aan jullie.’ Hij nam een beker, sprak een dankgebed, en zei tot zijn vrienden: ‘Drink hieruit en proef van mijn liefde, zodat mijn vreugde in jullie zal zijn en haar volheid bereikt. Heb elkaar lief, zoals ik jullie heb lief gehad.’

Zo heeft hij zich aan ons gegeven, om zichtbaar te blijven, als levend brood om samen met hem de weg te kunnen gaan die ons gegeven is, ook onder moeilijke omstandigheden. Zo heeft hij zich ook aan ons gegeven, om te delen. Opdat in het delen geluk kan ontkiemen.

Zo weten wij ons gedragen door jou, zo willen we elkaar zien en dragen, met respect en zachtheid, vanuit het verlangen dat wij een gemeenschap zijn waar niemand buitengesloten wordt, waar niet vastgehouden wordt aan starre vooroordelen, waar plaats is voor andersdenkenden. Laat ons met de hulp van jouw geest een gemeenschap zijn van mensen in beweging, vol ruimte en openheid voor elkaar.

Raak ons met jouw liefdesvuur. Verfris ons, doe ons herleven in het doen van gerechtigheid. Laten wij elkaar tot brood worden, brood van vrede en liefde.

ONZE VADER
Aramees was de taal die Jezus sprak. Je mag op goede gronden veronderstellen dat de Aramese versie van het Jezus-gebed dichter bij het oorspronkelijk door Jezus uitgesproken gebed staat dan het ‘Onze Vader’, zoals dat overgeleverd is in de kerkelijke traditie. God, als bron van alle zijn, is hier dus niet in de hemel, zoals in het kerkelijk ‘Onze Vader’ maar in het hart van de mens, het kenmerk bij uitstek van de gnostische christendom uit de eerste eeuwen. Als we in ons hart geraakt worden door wat ons in het hier en nu omringt, zowel de natuur, de kosmos als de medemens, dan is dat een intieme ontmoeting met het alomtegenwoordige goddelijke.
Dit Jezus-gebed benadrukt de oorspronkelijke eenheid tussen God en de mens, en het wil die eenheid bevestigen, of herstellen waar die verstoord is geraakt.

Vrije hertaling van Bram Moerland

Bron van Zijn, die ik ontmoet in wat mij ontroert,
Ik geef u een naam opdat ik u een plaats kan geven in mijn leven.
Bundel uw licht in mij – maak het nuttig.

Vestig uw rijk van eenheid nu,
uw enige verlangen handelt dan samen met het onze.
Schenk ons wat we elke dag nodig hebben aan brood en aan inzicht.
Maak de koorden van fouten los die ons vastbinden aan het verleden,
opdat wij ook anderen hun misstappen kunnen vergeven.
Laat oppervlakkige dingen ons niet misleiden.

Uit u wordt geboren:
de alwerkzame wil,
de levende kracht om te handelen,
en het lied dat alles verfraait
en zich van eeuw tot eeuw vernieuwt.

VREDESWENS

VREDESLIED: Stad van vrede, in uw midden mag een mens gelukkig zijn

Breken en delen van het brood

LIED: Wat in stilte bloeit.

AFSLUITEND GEBED AAN TAFEL,

SLOTGEDACHTE

De volmaakte zon waaruit  alles straalt, is er niet om door ons gezien te worden. Laten we tevreden zijn met de stralen zonder de bron te willen doorgronden. De juiste manier om naar god te kijken is naar de wereld te kijken en die als een gave te ontvangen.

Marcel Conche


ZEGEN EN WEGZENDING

Het zaad dat in goede grond is gezaaid, dat zijn zij die het woord horen en begrijpen. Laten we aan het eind van deze zomerse viering  onze eigen levensweg vervolgen. Volgend de inspiratie die we vandaag mochten ontvangen. Van de woorden, de liederen en van elkaar. Ieder blad ademt de boom tot leven.  Laten we leven zijn voor onze vrienden en vriendinnen, zielsverwanten, collega’s, buren en ook voor hen die het ons moeilijk maken. Gevoed door de kracht en zegen van de Eeuwige, die we ook hier en nu noemen: Vader en moeder, zoon en heilige geest. Amen.

SLOTLIED: Wonen overal

1 reactie

  1. Fiet Vreeburg

    ma 05th aug 2019 at 21:58

    Ard Nieuwenbroek……en jij houdt als voorganger op…….wat vind ik dat vreselijk! Ik was niet in deze viering, maar jij geeft zoveel inspiratie mee…..en stof om over na te denken
    (en niet alleen deze keer)ik word/ ben gelukkig! Dank je wel!

    Beantwoorden

Reactie plaatsen