Een zegen zijn

San Salvator     3 november 2019
Een zegen zijn

Voorganger:  John Parker, zondag mmv de Cantorij.

OpeningsliedVrede voor jou

Inleiding:
Welkom iedereen bij onze wekelijkse viering. Ik mag voorgaan in deze viering, samen met Maria Hoitink en Marleen Postma. Hier komen we samen, na een week soms druk met allebei activiteiten, verplichtingen, ontmoetingen. Hier komen we om dank uit te spreken om wat we mee gemaakt hebben, om wie we ontmoet hebben. Voor alles waardoor wij gezegend zijn.
Gisteravond hebben wij hier onze overledenen herdacht. Voor die ook zijn wij dankbaar, om alles dat zij voor ons hebben betekend. Vandaag kunnen wij onze dankbaarheid uitspreken en zingen, en onze hoop opbouwen voor de dagen die komen.
Laten wij eerst een moment stil zijn en bezinnen.

Bezinning:
Als ik jouw anders zijn afwijs als te verwerpen
Dan sluit ik mij op in mijn eigen eenzaamheid.
Maar als ik mij laat raken door jouw anders zijn
Dan geef jij mij de kracht mezelf te overstijgen.
Dank je voor je anders zijn.

Acclamatie:  Boom je stam

1e lezing: Zand en steen
uit René Hornikx ‘Een handvol verhalen.’
Twee vrienden liepen door de woestijn. Op enig moment tijdens de reis kregen ze ruzie en de ene vriend sloeg de ander in het gezicht. Degene die geslagen werd, was gekwetst, maar zonder iets te zeggen schreef hij in het zand: “Vandaag sloeg mijn beste vriend mij in het gezicht!”
Ze liepen verder totdat zij een oase vonden, waar zij besloten een bad te nemen. Degene die was geslagen, raakte vast in de modder en dreigde te verdrinken, maar de vriend redde hem. Nadat hij was bijgekomen, schreef hij op een steen: “Vandaag redde mijn beste vriend mijn leven”.
De vriend die had geslagen en zijn beste vriend had gered vroeg hem: “Nadat ik je had geslagen, schreef je in het zand en nu schrijf je op een steen, waarom?”
De andere vriend antwoordde: “Als iemand ons pijn doet moeten we in het zand opschrijven, waar de wind van vergeving het kan uitwissen. Maar als iemand iets goeds doet voor ons, moeten we het in steen graveren, waar geen wind het ooit kan uitwissen. Leer om je pijn in het zand te schrijven en om je goede ervaringen in steen te graveren.”

Lied:  Die chaos schiep tot zinsverband

2e lezing: Genesis 12, 1-7
De Heer zei tegen Abram: “Vertrek uit je land. Verlaat je familie en het huis van je vader. Ga naar het land dat Ik je zal wijzen. Ik zal een groot volk van je maken. Ik zal je zegenen en je naam zal overal bekend worden. En je zal tot een zegen zijn. Als mensen jou goed behandelen, zal Ik goed voor hén zijn. En als mensen jou slecht behandelen, zal Ik slecht voor hén zijn. En door de zegen die op jou is, zullen alle volken van de aarde gezegend worden.”
Toen vertrok Abram, zoals de Heer tegen hem had gezegd. Zijn neef Lot ging met hem mee. Abram was 75 jaar toen hij uit Haran wegging. Hij vertrok met zijn vrouw Saraï en Lot, de zoon van zijn broer, en met alles wat zij bezaten, al hun vee, en alle slaven die ze in Haran gekocht hadden. Ze trokken naar het land Kanaän. Toen ze daar aankwamen, trok Abram verder door het land tot aan de plaats Sichem, bij de eikenbomen van Moré. In die tijd woonden de Kanaänieten in dat land.
Toen kwam de Heer bij Abram en zei: “Ik ga dit land later aan jouw familie geven.” Abram bouwde een altaar voor de Heer op de plaats waar Hij naar hem toe gekomen was en aanbad daar de Heer.

Een gedicht van Michelle Najlis (Nicaragua)
Wanneer alles diep van binnen pijn doet,
En je alleen, tegenover je eigen beeld,
Ziet dat het vervormd is door ontbrekende spiegels
Wanneer de dingen voor je schaduw wijken
Wanneer je woord dat van een ander lijkt
En je hartslag uit je lichaam vlucht
Wanneer je handen ver van je weg zijn
En je de afdruk van je voeten niet herkent
Wanneer je het gezicht dat nadert bent vergeten
Wanneer je niets meer waarneemt dan dode buitenkant
Ga dan als de zalm

Acclamatie:  Ga dan als de zalm

Overweging:
Laatst keek ik op televisie naar een wielerwedstrijd, de wereldkampioenschap op de weg. Het regende pijpenstelen, er waren blaadjes op de weg en plotseling viel een van de renners en hij bleef even liggen. Een teamgenoot stopte en kwam hem te hulp, totdat de ziekenbroeders erbij kwamen. Door de val verloor de eerste renner zijn kans op een overwinning. Diegene die hem te hulp schoot verloor ook zíjn kans, maar vond het beter om de ander te helpen. Als een zegen.
Door de jaren heen heeft men het woord ‘zegen’ zo vaak gebruikt en misbruikt. Voor de ene betekent het iets groots, bovenmenselijk; voor een ander betekent het iets heel prozaïsch, heel aards, iets heel gewoon. Voor de ene is het iets dat hoort bij een godheid; voor een ander kan ieder mens zegenen, kan ieder mens een zegen zijn. Dit laatste, denk ik, is hoe velen van ons het woord ‘zegen’ begrijpen. Iets goeds betekenen voor een ander, voor de wereld om je heen. Een zegen zijn.
Zoals wij hoorden in onze lezing uit de Schrift. Abraham wordt geroepen om een zegen te zijn. Om als God te zijn, om God zichtbaar te maken, voelbaar, herkenbaar. Hij zal het land van zijn voorouders verlaten, zijn familie, het geloof en de tradities van zijn volk. De stem die hij in zijn hoofd hoort, in zijn hart voelt, wil dat hij alles verlaat en op reis gaat, een avontuur beleven, om een nieuw mens te worden, oervader van een volk dat altijd op weg zal zijn. Een zegen voor zoveel mensen die een god eren die tijdloos is, niet gebonden aan de seizoenen; je kunt geen beeld van hem maken, hem nergens plaatsen, fixeren. \een altaar bouwen daar waar je bent. Een God die mee trekt door de tijd en door de ruimte. Een God die niet één gezicht heeft maar zoveel gezichten als er mensen zijn. Een God die niet één stem heeft, maar laat zich horen in alles en allen die een stem hebben.
In onze eerste lezing hoorden wij een verhaal van een mens die iets weet over wat belangrijk is om gelukkig te zijn. Het goede dat je in je leven ontmoet en ontvangt, onthouden, bewaren, koesteren. Het goede dat je voor een ander doet, die zal het onthouden. Misschien niet ieder ander, maar wel eens iemand. En dat verandert onze wereld; beetje bij beetje.
Abraham is een zegen geweest voor de mensheid, oervader in het geloof van zovelen. Een mens zoals wij allen, een mens die een eigen spoor heeft gevolgd, de weg van het geloof, of misschien beter gezegd – de weg van het zoeken. Het zoeken naar een zin voor het leven, het zoeken naar jezelf, je plaats in de wereld, hoe je een zegen kunt zijn voor een ander, voor de wereld waarin wij leven.

Geloofslied:  Zijt Gij mijn God een herder

Voorbede:  Waar vriendschap heerst en liefde         
1. Laten wij bidden voor mensen die als zegen willen zijn voor anderen.
Voor onder andere, Artsen zonden grenzen, voor wetenschappers
die dag in dag uit strijden tegen slopende ziekten,
voor allen die in de gezondheidszorg mensen dienen en verder helpen.

2. Laten wij bidden voor maatschappelijke werkenden, voor hulpverleners
en voor allen die hun medemensen ondersteunen
en begeleiden op hun weg door het leven.

3. Laten wij bidden voor milieubeschermers, voor die vele mannen en vrouwen
die het leven op aarde willen behoeden tegen bederf en vernietigen,
die de schepping verdedigen tegen plundering en uitputting.

4.  Laten wij bidden voor onszelf, voor onze eigen intenties;
voor onze gemeenschap die als een zegen wil zijn voor wij leden en de wereld om ons heen;
voor onze families en vrienden; voor zieken; voor onze overledenen. Jack Snackers.
Blijf geborgen in je naam

Tafelgebed:
Maria
Gij die onze levensdagen kent
hun vreugde en hun leegte
hun lange duur.
Gij die ons gunt dat wij mensen worden
in het volle licht
dat wij ons geluk beproeven bij elkaar
in vriendschap en trouw
in goed zijn en in recht doen.
Gij die onze geboorte hebt gewild
wij danken U
dat Gij gegeven hebt aan ons
uw eigen levensadem
dat Gij ons kent een voor een
en voor ons uitgaat als een
goede herder.
Wij bidden en zingen u toe:
houd ons gaande
tot Gij alles in allen zijt
tot ieder van ons U ervaren mag
in het diepste van onszelf.

Namen van levenden noemen wij U
onze kinderen, vrienden, geliefden
allen die zijn toevertrouwd
aan onze aandacht en liefde,
allen die ons omringen
met vragen, zorgen en geluk.

Zegen deze plaats
die ons dierbaar is
waar wij bidden tot U
en Uw stem herkennen.
Gedenk allen die hier ooit kwamen
om troost en verlichting
op hoop van zegen;
allen die in moeilijke dagen
uw woord hebben gehoord en bewaard
in hun geheugen, in hun hart.

Houd vol met ons
houd ons gaande
en stuur met ons mee
Jezus, uw Zoon.

Gezegend zijt Gij God
omwille van die nieuwe mens
Jezus van Nazareth
die in ons spreekt
die in ons leeft
ons hart verheft
vreugde en vrede geeft.
Die zich gegeven heeft
met hart en ziel.
Die wordt gebroken,
uitgedeeld van hand tot hand
als brood gegeten.
Die zich gegeven heeft,
zich drinken laat
van mond tot mond
een beker wijn vol goede geest.

Gezegend ben jij
die klein of groot
ongezien en ongeweten
doet als Hij
Gezegend wij
als we elkaar bewaren, troosten,
voorthelpen en verdragen.
Gezegend allen die net als Hij
vernederd en geslagen
de derde dag verrijzen
weer mogen leven in het licht.
Gezegend de vrouw voor de man
de man voor de vrouw
de vriend voor een vriend
oud voor jong
en sterk voor zwak.

Gezegend dit huis, deze tempel
waar de godslamp niet is gedoofd
waar mensen het licht niet haten
en de stilte liefhebben.

Gezegend wij die mogen bidden
met de woorden
die Hij ons heeft gege­ven:

ONZE VADER……

Vredeswens:  Ubi caritas

Communie:   Gij die geroepen hebt ‘Licht’

Mededelingen:

Slotgedachte: van Kahlil Gibran
Er zijn mensen die geven en geen pijn kennen bij het geven. Noch deszelfs vreugde zoeken, noch denken dat het deugdzaam is; zij geven zoals in gindse vallei de mirt haar geur verspreidt. Door hun handen spreekt en door hun ogen gaat zijn glimlach over de aarde.

Zegen en wegzending:    
Mogen wij voor elkaar een zegen zijn,
bij alles wat ons te doen staat,
alles wat we beleven mogen,
alles wat ons overkomt.
Mogen wij voor elkaar een zegen zijn,
in het leven dat we samen delen,
zo kwetsbaar als het is.
Mogen wij vandaag
voor elkaar een zegen zijn,
in ons verschillen en ons gelijken.
Dan zal God ons zegenen in Zijn Naam:
Vader, Zoon en goede Geest. Amen.

SlotliedKomen ooit voeten gevleugeld

Nog geen reacties

Reactie plaatsen