Skip to content Skip to sidebar Skip to footer

Bereid je voor | Het eerste licht

Voorganger Franneke Hoeks| Lectoren Rinus van der Heijden en Marga van de Koevering
Koor Melodiek o.l.v. Marcel van der Maeden|  Pianist Coby Wagemans

Licht binnendragen
Gij die gezegd hebt: ik zal er zijn. Hier zijn wij: mensen met het donker van Goede Vrijdag nog in ons hoofd en hart. Wees de kracht die ons voedt, wakker geestkracht aan en wek ons tot leven.

Zingen: ’Als alles duister is’

Het Paasvuur werd in de stad aangestoken. Een klein teken van de hoop.  We steken de Paaskaars aan met dit licht dat zich vanavond over de stad verspreid. Licht tegen doem en dood. Licht vol vertrouwen. Licht dat ons doet leven.

Dit licht mogen we delen met elkaar. Elk van ons ontvangt dit licht, het licht van Pasen, licht van opstanding. Koester de kleine vlam en geef het licht door.

Zingen: Licht dat ons aanstoot in de morgen


Een ruimte vol lichtpuntjes. De ruimte hier lijkt groter te worden nu zij verlicht wordt door al die vlammetjes. Gedragen door mensenhanden, door ons, mensen die samen de weg van licht en leven gaan. In deze zee van licht willen we ook even stilstaan bij de mensen die vanavond niet met ons mee kunnen vieren door ziekte, ouderdom, afstand.

We openen de schrift en horen oude verhalen. Over het ontstaan van licht en groeikracht van de aarde. Een verhaal van bevrijding, een tocht door het water. En een verhaal over dood die niet het laatste woord heeft.  Laten we het verhaal over de schepping verwelkomen met het licht in onze handen! Daarna mag u het kaarsje uitblazen. 

We lezen uit Genesis  

In het begin schiep God de hemel en de aarde. De aarde was nog woest en doods, en duisternis lag over de oervloed, maar Gods geest zweefde over het water. (Genesis 1: 1-5)

God zei: ‘Er moet licht komen,’ en er was licht. God zag dat het licht goed was, en hij scheidde het licht van de duisternis; het licht noemde hij dag, de duisternis noemde hij nacht. Het werd avond en het werd morgen. De eerste dag.

Er was nog altijd de oervloed. Een grote gevaarlijke watermassa.De Eeuwige bracht scheiding aan. Grond onder onze voeten. Land om veilig op te leven. Toen schiep God planten die kleur brachten, gewassen voor ons tot voedsel. Duurzaam, want ze droegen zaden. Vervolgens vissen, vogels en allerlei soorten dieren. (Genesis 1: 6-25)

God zei: ‘Laten wij mensen maken die ons evenbeeld zijn, die op ons lijken; zij moeten heerschappij voeren over de vissen van de zee en de vogels van de hemel, over het vee, over de hele aarde en over alles wat daarop rondkruipt.’ God schiep de mens als zijn evenbeeld, als evenbeeld van God schiep hij hem, mannelijk en vrouwelijk schiep hij de mensen.  God keek

naar alles wat hij had gemaakt en zag dat het zeer goed was. ( Genesis 1: 26-27)

Zingen: ‘Van God is de aarde

We lezen uit Exodus 14 
De ​engel​ van God, die steeds voor het ​leger​ van de Israëlieten uit was gegaan, stelde zich nu achter hen op. Ook de wolkkolom die eerst voor hen uit ging stelde zich achter hen op, zodat hij tussen het ​leger​ van de ​Egyptenaren​ en dat van de Israëlieten kwam te staan. Aan de ene kant bracht de wolk duisternis, aan de andere kant verlichtte de vuurzuil de nacht. Die hele nacht konden de legers niet bij elkaar komen. Toen hield ​Mozes​ zijn arm boven de zee, en de Eeuwige liet de zee terugwijken door gedurende de hele nacht een krachtige oostenwind te laten waaien. Hij veranderde de zee in droog land. Het water spleet, en zo konden de Israëlieten dwars door de zee gaan, over droog land; rechts en links van hen rees het water op als een muur.

Zingen: Trek ik de zee door


We lezen uit  Mattheus 28, 1-10
Na de sabbat, bij het ochtendgloren van de eerste dag van de week, kwam Maria van Magdala met de andere Maria naar het graf kijken. Plotseling begon de aarde hevig te beven, want een engel van de Heer daalde af uit de hemel, liep naar het graf, rolde de steen weg en ging erop zitten. Hij lichtte als een bliksem en zijn kleding was wit als sneeuw. De bewakers beefden van angst en vielen als dood neer. De engel richtte zich tot de vrouwen en zei: ‘Wees niet bang, ik weet dat jullie Jezus, de gekruisigde, zoeken. Hij is niet hier, Hij is immers uit de dood opgewekt, zoals Hij gezegd heeft. Kijk, dit is de plaats waar Hij gelegen heeft. En ga nu snel naar zijn leerlingen en zeg hun: “Hij is opgewekt uit de dood, en dit moeten jullie weten: Hij gaat jullie voor naar Galilea, daar zul je Hem zien.” Onthoud dat ik jullie dit gezegd heb.’
Ontzet en opgetogen verlieten ze het graf; ze haastten zich om het aan zijn leerlingen te vertellen. Op dat moment kwam Jezus hun tegemoet en groette hen. Ze liepen op Hem toe, grepen zijn voeten vast en aanbaden Hem. Daarop zei Jezus: ‘Wees niet bang. Ga mijn broeders vertellen dat ze naar Galilea moeten gaan, daar zullen ze Mij zien.’

Zingen: Dat wij volstromen met levensadem 

Overweging

Bereid je voor was het motto van de afgelopen 40 dagen. Als Nederlandse burgers kregen we de oproep om ons op een noodsituatie voor te bereiden. Bereid je voor… Die woorden klinken een beetje onheilspellend. Alsof ons alleen noodlot, crisis en God mag weten wat voor narigheid te wachten staat. De gebeurtenissen in de wereld stemmen niet hoopvol en dragen bij aan het gevoel van: oef… komt het nog wel ooit goed?

Maar vannacht horen we andere verhalen. Verhalen van hoop, verhalen van licht, verhalen van stappen zetten.

Leven begint klein. Het wonder van het grote leven wordt aangemoedigd door een woord: “Er moet licht komen.” Geen donder, geen geweld — maar een fluistering die de duisternis opent. En er ontstaat leven. In geuren, in kleuren, in vormen, in verwondering ontstaat schepping. En wij mensen mogen ons daar deel van weten.

Dan zoomen de Bijbelse vertellingen in op een volk. God, de Eeuwige, verbindt zich met die mensen. Ook weer zo’n onzichtbaar wonder: iemand die zegt: ik ga met jullie mee, vertrouw daar maar op. Het gaat hen niet automatisch voor de wind en ze moeten zelfs hun vrijheid opgeven. En dan is er toch bevrijding. Die bevrijding is niet iets van een moment, maar gaat stap voor stap. Uiteindelijk staan ze met knikkende knieën en gaan door water dat wijkt, net genoeg om een pad te worden. Een weg naar leven in vrijheid. Ze nemen die stap.

Leven in vrijheid was wat Jezus zijn leerlingen voorhield. Die vrijheid was anders dan in opstand komen tegen je bezetter. De weg van deze rabbi is er een van opoffering, van liefde en onbaatzuchtigheid, ten einde toe. Hij moest het met de dood bekopen. En dan staan de mensen die in hem geloofden met lege handen.

In de vroege ochtend komen vrouwen met hun verdriet bij het graf. En juist daar — in dat kleine, breekbare begin van een nieuwe dag — wordt het leven opnieuw geboren. Hij is niet dood, hij leeft. Dat doet de vrouwen perplex staan. Dan is het licht even te veel om te bevatten.

Misschien is dat ook wat die veertig dagen ons hebben willen leren. Bereid je voor, niet door alles te begrijpen, niet door jezelf te verbeteren tot perfectie, maar door aandacht te krijgen voor het kleine. Voor een begin dat nog nauwelijks zichtbaar is. Voor een sprankje licht dat je bijna over het hoofd zou zien. Misschien is dat wat wij vandaag nodig hebben. In een wereld die zo onrustig is, zo vol grote woorden, grote angsten, grote vragen zonder antwoorden — dat wij het kleine weer leren vertrouwen.

Een klein gebaar van goedheid. Een moment van stilte. Een keuze om niet mee te gaan in wanhoop. Een hand die we uitsteken. Een kaars die we aansteken in het donker.

Want wie weet — misschien is dat hoe God nog steeds werkt. Niet buiten ons om, maar midden in ons leven, in wat klein en bijna onzichtbaar is.

En misschien is dat ook wat we doen als we straks onze doopbelofte vernieuwen. Geen grote woorden voor de eeuwigheid, maar een klein, persoonlijk “ja”. Hier. Nu. In dit leven. Een ja tegen het licht. Een ja tegen het leven. Een ja tegen de hoop dat zelfs nu, juist nu, iets nieuws begint.


Stilte

Zingen: Dat wij volstromen met levensadem en leven eindelijk geboren

Gebed 

Jij riep de aarde tevoorschijn uit het water van de oervloed
Jij bevrijdde uw volk uit de slavernij en door het water van de zee ging jij voor hen uit naar het land van hun verlangen.
Jij noemde Jezus uw geliefd kind toen hij gedoopt werd in de Jordaan. Jij roept ons om zijn weg te gaan te leven zoals hij op weg te gaan naar het beloofde land.

Zegening van het water| Zingen: Gij die ons nooit geknecht hebt met geen woord 1e couplet | Hernieuwing van de doop
Zingen Gij die ons nooit geknecht hebt vanaf couplet 2
Tafel| Collecte| Muziek

Tafelgebed
Hoe hoopgevend is jouw naam: Ik zal er zijn.  Hoe bevrijdend is jouw licht: warm en verhelderend. Hoe liefdevol is jouw hand: open en nabij. Hoe verfrissend is jouw bron: zuiver en levengevend. Jouw naam dragen wij met ons mee, jouw licht willen wij uitdragen, jouw hand maken wij tot de onze,
jouw bron laat ons leven stromen om mens te zijn, zoals Jij je had ingebeeld, zorgend voor de aarde, voor al wat leeft en is, om mens te zijn, zoals eens Jezus, die ons voorging, opkwam voor anderen, trouw bleef aan Jou, en zo aan zichzelf.
In de avond voor zijn sterven aan het kruis toonde hij nog eenmaal wie hij was en blijven wou voor ons.
In het bijzijn van zijn vrienden heeft hij brood genomen, dankte Jou voor het brood, brak het en deelde het aan zijn vrienden met de woorden: ‘Neem en eet van dit brood, dit is mijn leven, ik geef het aan jullie.’
Hij nam een beker, sprak een dankgebed, en zei daarbij: ‘Drink hieruit en proef van mijn liefde, zodat mijn vreugde in u zal zijn en haar volheid bereikt.  Heb elkaar lief, zoals ik u heb liefgehad.’
In zijn geest zullen wij leven.  Zo zal jouw naam ‘Ik zal er zijn’   een blijvende belofte zijn, zal het licht stralen, zullen handen elkaar vinden en bronnen van leven zullen stromen.
Zijn woorden indachtig, zal dat goede leven komen,
daarom bidden wij: Onze Vader…

Vredeswens.  | Vredeslied Angus Dei

Breken en delen

Communielied  De zachte krachten zullen zeker winnen

Afsluiting tafelgebed

Blijf dit doen. Heb elkaar lief. Denk aan mij.
De zachte krachten zullen zeker winnen in ’t eind.
Met deze woorden sluiten we deze maaltijd af.
dank voor brood en wijn aan ons gegeven
dat dit delen ons mag maken tot mensen vol licht en leven.

Slotgedachte 
‘Op mijn bureau staat een kaart van Loesje- erop staat: Zou God nog in ons geloven? Deze woorden inspireren mij elke dag weer.  Aan deze vraag gaat iets vooraf: er bestaat dus kennelijk die God die in mij gelooft. Een God die in mij gelooft. Stel je voor. Dit idee keert alles voor mij om. Het haalt de druk weg om mezelf en alles wat ik zou moeten weten te overzien – wat ik wel en niet geloof of waarop ik vertrouw – ik hoef dat niet allemaal in de steigers te zetten om in mijzelf te kunnen geloven. Ik blijf minder in rondjes draaien en ben niet het middelpunt. Er wordt al in mij geloofd. Het is aan mij om de uitnodiging aan te nemen.’ (Uit: Een god die in mij geloofd – Claartje Kruijff, p 11-12)

Paaswens

Zegen
Eeuwige  zendt ons nu op weg als mensen die standhouden die zijn voorbereid klaar om te werken aan die nieuwe wereld
Laat ons gaan als nieuwe mensen die het waarmaken
dat visioen stapje voor stapje, keer op keer aangespoord door de Eeuwige die we kennen als vader/moeder, zoon en heilige geest.   
Slotlied: Het zal in alle vroegte zijn

Leave a comment

Op de Agenda

Viering

19 april 2026 10:30
U bent van harte welkom in de viering om 10.30 uur in Cello, van der Eygenweg 1 in ‘s-Hertogenbosch. Daniëlla Martina is de voorganger. De muzikale ondersteuning in de viering…

Eten in Ordune

25 april 2026 17:00
Er wordt een smakelijk drie gangenmenu geserveerd op zaterdag 25 april van 17.00 -19.00 in Ordune. Het wordt vast ook erg gezellig. Salvatorianen kunnen zich opgeven voor de lunch op…
Inloophuis en kantoor Ordune
Schaarhuispad 1315231 PP Den BoschOp de eerste en derde woensdag van de maand staat de koffie klaar tussen 10.00 en 11.30 uur. U bent welkom!
NL96 INGB 0006 0407 13
Vieringen in Dagcentrum Eygenweg
van der Eygenweg 15231 PA ‘s-Hertogenbosch

San Salvator gemeenschap 2026