San Salvator geloofsgemeenschap
25-12-2025
Voorganger Marcel van der Maeden, lectoren Liesbeth van Leijen en Rinus van der Heijden, cantor Jacolien van Breemen, pianist Theo Hofland
Thema: Durven dromen: Dromen van Licht
Openingslied: De herdertjes lagen bij nachte
Welkom
Welkom, lieve mensen, hier in de San Salvator Geloofsgemeenschap, nu wij samenkomen in Cello, om Kerst te vieren: Zalig kerstfeest. De afgelopen weken van Advent stonden vier zondagen lang in het teken van ‘Durven Dromen’ en vandaag zeggen we: we durven te dromen van nieuw licht: licht dat nu begint: het kind van mensen is geboren. Laten we na alle voorbereiding nu blij zijn, want het nieuwe begin is er.
Vandaag mag ik, Marcel van der Maeden, als pastor voorgaan hier in de San Salvator, samen met de lectoren Liesbeth van Leijen en Rinus van de Heijden.
Vanaf vandaag gaan we buiten zien dat er elke dag weer wat meer licht is: dat het ’s morgens vroeger licht komt en dat het elke avond weer wat langer licht blijft. We zeggen dan: het licht is gekomen: elk jaar weer een wonder, van Gods trouw aan ons mensen, God komt als mensenkind bij ons wonen, op onze aarde.
GEBED
Laten wij ondanks de feestvreugde, juist om de feestvreugde nu ook stil worden, om open te staat voor de ontmoeting met elkaar met God en in onszelf keren en bidden: om inkeer en omkeer èn licht.
Op dit keerpunt
van een nieuw begin
komen wij tot jou,
met dankbaarheid,
wetend wat geweest is,
met aarzelingen,
onzeker om wat komen kan,
in stilte
om woorden die gevallen zijn,
in vreugde
om woorden die van liefde spraken,
met weemoed,
om wat niet meer is,
met verlangen
om intens leven.
Wil ons dragen,
over dit kantelpunt
van droom naar nieuw visioen van leven en licht.
Acclamatie: Laat komen hij die komen zal
INLEIDING OP LEZINGEN
De lezingen voor vandaag zeggen ons vreugde en licht aan. We lezen eerst, voorgegaan door Liesbeth van Leijen, uit de profeet Jesaja, die de dreigende ballingschap van het volk van God wil keren met zijn bemoedigende woorden, dat God hen blijdschap zal brengen als zijn mensen opnieuw op de Eeuwige durven vertrouwen.
Daarna lezen we, uit het begin van het evangelie volgens Johannes, voorgegaan door Rinus van de Heijden, die vertrouwde woorden over het woord in het begin, dat licht en leven en mens wordt, om evenzeer te getuigen van Gods bevrijding in ons mensenleven: geboorte van een kind.
Eerste lezing Js 52,7-10
7Hoe welkom is de vreugdebode
die over de bergen komt aangesneld,
die vrede aankondigt en goed nieuws brengt,
die redding aankondigt en tegen Sion zegt:
‘Je God is koning!’
8Hoor! Je wachters verheffen hun stem,
samen barsten ze uit in gejuich,
want ze zien het met eigen ogen:
de Eeuwige keert terug naar Sion.
9Breek uit in gejubel,
ruïnes van Jeruzalem,
want de Eeuwige troost zijn volk,
Hij koopt Jeruzalem vrij.
10De Eeuwige ontbloot zijn heilige arm
ten overstaan van alle volken,
en de einden der aarde zien
hoe onze God redding brengt.
Lied Komt ons in diepe nacht ter ore
Tweede lezing Jh 1,1-14
(Het Woord is mens geworden)
1In het begin was het Woord,
het Woord was bij God en het Woord was God.
2Het was in het begin bij God.
3Alles is erdoor ontstaan,
zonder het Woord is niets ontstaan van wat bestaat.
4In het Woord was leven
en het leven was het licht voor de mensen.
5Het licht schijnt in de duisternis
en de duisternis heeft het niet in haar macht gekregen.
6Er kwam iemand die door God was gezonden;
hij heette Johannes.
7Hij kwam als getuige,
om van het licht te getuigen,
opdat iedereen door hem zou geloven.
8Hij was niet zelf het licht,
maar hij was er om te getuigen van het licht:
9het ware licht,
dat ieder mens verlicht
en naar de wereld kwam.
10Het Woord was in de wereld,
de wereld is door Hem ontstaan
en toch kende de wereld Hem niet.
11Hij kwam naar wat van Hem was,
maar wie van Hem waren hebben Hem niet ontvangen.
12Wie Hem wel ontvingen en in zijn naam geloven,
heeft Hij het voorrecht gegeven
om kinderen van God te worden.
13Zij zijn niet op natuurlijke wijze geboren,
niet uit lichamelijk verlangen
of uit de wil van een man,
maar uit God.
14Het Woord is mens geworden
en heeft in ons midden gewoond,
vol van genade en waarheid,
en wij hebben zijn grootheid gezien,
de grootheid van de enige Zoon van de Vader.
Acclamatie Kind ons geboren
OVERWEGING
Kind ons geboren!
De vreugdebode zegt ons vrede aan en goed nieuws; en redding kondigt de vreugdebode aan voor ons als volk van God: want ‘de Eeuwige is koning!’ Gods stralende heerlijkheid openbaart zich aan ons, want van God komt zijn woord, zijn licht: kristalhelder en stralend: als getuige, in een mens, dat Hij onder ons wil wonen, om ons te redden.
De profeet Jesaja verkondigt dat die vreugdebode brenger van goed nieuw is: dat leidt tot vreugde, gejuich, jubel, troost, herstel, redding. Dit zijn allemaal prachtige woorden van die profeet Jesaja. Hij verkondigt deze ommekeer in zo’n moeilijke tijd. Het lijkt veel op onze tijd. Hoe slecht kan het in onze wereld gaan. Slechter en erger dan het afgelopen jaar kan het bijna niet. Als je rondkijkt kun je heel somber worden van zovele verdeeldheid als erin de wereld om ons heen is. De profeet Jesaja durfde dromend anders te kijken.
Dat zag Jesaja ook en hij waarschuwde daarmee zijn mensen en hield hen voor wat ze aan mooiers en beters konden verwachten. Daar droomde hij van hij sprak over die dromen, maar dan niet op een manier alsof het illusies zouden zijn, maar dat het ging om idealen, om jezelf en de wereld om je heen en de omgang tussen mensen te optimaliseren. Zulke idealen zijn de einddoelen waar we samen aan kunnen werken.
Zo zou je de Jesaja-lezing als volgt kunnen parafraseren:
Bij het begin
Jesaja zegt:
‘Dit is de dag
waar we naar uitkeken!
De vreugde zingt zich rond. Hoor maar!
Er is goed nieuws:
vrede komt en redding.
Want, Jeruzalem, je God is koning! Alle volken zien het,
heel de aarde, we zijn gered.
Onze God, de Ware,
strekt zijn arm naar ons uit!’
Vervolgens lezen we op deze dag van het nieuwe begin bij Johannes woorden die ons doen denken aan een verbinding met het allereerste begin: alsof nu en toen opnieuw bij elkaar worden gebracht: ooit en opnieuw en nu! Johannes begint zijn blijde boodschap: In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God: alsof dat begin-proces een nieuwe aanvang neemt: er komt een keer: denk aan die ommekeer van de Jesaja-lezing.
Dus nu gaat het pas echt beginnen: let op! Johannes zegt het alsof het begin en einde opeens opnieuw nu gaan samenvallen: alfa en omega: van a tot z: nu wordt nieuw begin en begin wordt tegelijk einde. Johannes lijkt wel te zeggen dat tijd en eeuwigheid vanaf nu samenvallen. Dus: let op!
En de evangelist Johannes zegt: let op: nu gaat het beginnen, nu wordt werkelijk waar die profeet Jesaja het over had. Hij heet het over de menswording van het goddelijke woord: God komt als mens bij zijn mensen wonen.
Soms breekt Gods licht door, in zo’n mens, in mensen, onstuitbaar. Dan wordt die liefdevolle hoop en trouw, waarvan God zelf hèt voorbeeld is tot bron van inspiratie, om het leven beter en mooier te maken, voor mensen aan de rand van de samenleving. Hij tilt de vernederden op, zoals ook Maria dat bezingt in haar loflied, Magnificat; de hoogmoedigen worden van hun voetstuk gestort en er komen andere, nieuwe kansen, zodat het kleine en kwetsbare kan groeien en aan kracht en invloed kan winnen. Dat alles wordt opgeroepen en in werking gezet bij de geboorte van dit kind, de vervulling van al die eerdere verwachtingen van verlossing.
Ik herken het maar al te zeer. We lezen, spreken, bidden en zingen over al die mooie dingen. Ik raak er echter steeds meer van overtuigd dat we het gewoon moeten doen. Breng al die prachtige woorden in de praktijk. Leef wat je zegt! Doe wat je zingt!
Gisteravond in de kerstnachtviering heeft mijn collega Franneke Hoeks het dan prachtig verwoord en we mochten er vervolgens met Melodiek over zingen. Vanaf vandaag gaan we het ook Doen!
En dit kind, deze jonge man, rabbi te Nazareth groeit bij Johannes uit tot teken van tegenspraak, maar ook genezer-heelmaker: tot verbinder, verzoener van mensen met elkaar en met God. Dat is het nieuwe begin van deze vredevorst, koning voor altijd: dat hij mensen leert denken buiten de vastgeroeste kaders om: zo maakt hij jou en mij vrij: niet meer denken in termen van rein tegenover onrein: ga niet mee in het hokjes denken, niet dat frame, dat onwrikbare kader van goed tegenover kwaad, van wij tegenover zij, maar durf in de tussentinten te denken van grijs, maar ook nog door in een heleboel andere vrolijke kleuren te gaan bewegen. Je mag, nee je moet jezelf bevrijden, want je geloof maakt je vrij: wijst je een nieuwe weg, voorbij dat beklemmende van polarisatie.
Lukt dat, kan dat in onze dagen? Nee, want we merken om ons heeft steeds meer negativiteit en gelijk-hebberigheid op: zo van: Ja, maar dat is mijn mening en dat mag ik dan toch ook uiten, want dat is toch mijn recht op vrije meningsuiting?
Lukt dat, kan dat in onze dagen? Ja, ik zie het soms, probeer het te benoemen en te koesteren. Je ontdekt het in de bevrijding die doorbreekt in de eenvoud van trouwe goedheid tussen mensen. Koester de bevrijdende kracht die er van uitgaat, zoals van de verbinding van moslims en Joden rond het chanoeka-feest dat werd overschaduwd door die schietpartij.
Ik geloof in de goedheid van mensen, zoals van het volhardende samenzijn bij het Kerkasiel in Kampen, om de familie uit Oezbekistan te behoeden tegen uitzetting, zoals de opvang van dak- en thuislozen om ze te behoeden voor de kou, zoals in de verbinding om samen geld in te zamelen voor kwetsbare en zwakke ‘kleinen ín onze samenleving’. Ja, ik zie het in vele nieuwe initiatieven, om het op te nemen voor kwetsbare medemensen, zoals in vele actie voor ‘Spieren voor Spieren’ van Serious Request.
Dàt aan het licht brengen is werken aan bevrijding, van begin tot einde, samenvallend in het hier en nu. En het werd avond en morgen: de achtste dag. Deze dag! Hier en nu! Moge het zo zijn. Amen.
Geloofslied Wij komen tesamen
KLAARZETTEN VAN BROOD EN WIJN
UITNODIGING VOOR PERSOONLIJKE BIJDRAGE VIA DE COLLECTE, INSTRUMENTALE MUZIEK
VOORBEDE, met acclamatie Sla uw ogen op naar het licht
Voorbede: Lector: Op de drempel van een nieuw begin
komen we tot Jou, God en bidden wij:
voor ieder die zich eenzaam voelt en alleen
dat zij zich gekoesterd en geborgen weten bij Jou.
Acclamatie
Voor ieder die met verdriet of spijt op de afgelopen tijd terugkijkt.
Mag er troost voor hen zijn en medeleven en hoop.
Voor ieder van ons,
voor levensvreugde en perspectief
voor het jaar dat komen gaat.
Acclamatie
We leggen voor Jou neer alles wat geschreven staat in dit boek
van gedachtenis en intenties
en alles wat wij bewaren in ons hart
we bidden voor hen die ziek zijn,
een spannend jaar tegemoet gaan,
voor hen die zijn overleden,
voor hen die wij met ons meedragen,
dat jouw licht, leven en liefde hen mag omringen.
Acclamatie
NA DE NAMEN WORDT HET INTENTIEKAARSJE OP TAFEL ONTSTOKEN
TAFELGEBED
Vervuld met het licht van Kerstmis
ontkiemt in ons het geloof dat alles klaar is
om de duisternis te verdrijven,
om de zon haar kracht te geven,
zodat de kou verdwijnt en de aarde tot leven komt,
om al wat kwetsbaar is in bloei te zetten,
om al wat klein is tot grootsheid te brengen,
om teken te zijn van hoop;
de eerste stappen op weg naar een nieuwe toekomst.
Wij danken jou, bron van Licht,
om alles wat ons leven zo zinvol maakt:
om alles wat wij zomaar ontvangen,
om zoveel dat wij mogen geven;
om elke oproep die gehoord wordt,
om elke uitdaging die begrepen wordt.
Wij danken Jou,
om mensen die naast ons staan
als steun en bemoediging,
als lot- en tochtgenoot.
Om de vriendschap
en de kracht die van mensen kan uitgaan,
om het wonder
dat ook dit samenzijn
meer is dan mensenwerk.
Wij danken jou,
bron van Leven,
om Jezus van Nazareth:
zijn woorden van hoop blijven gehoord,
zijn daden van goedheid
roepen ons blijvend op,
zijn aanklacht tegen kwaad
en onrecht blijven onrustig maken,
zijn keuze voor kleine mensen
wordt ook onze keuze,
zijn trouw ten einde toe,
wordt ook onze kracht.
Steeds weer blijven wij vertellen hoe Hij
–vlak voor zijn dood–
zijn leven samenvatte,
toonde wie Hij was
en wie Hij blijven wou voor ons.
Zo nam Hij brood, zegende,
brak het en zei:
‘Dit ben ik en ik beloof jullie vast
dat je zult eten en drinken
aan mijn tafel in Vaders huis,
neem het, eet het. ‘
Hij nam de beker, zegende die,
reikte hem over en zei:
‘Neem de beker van mij over,
doe wat ik heb gedaan,
geef hem door
en vergeet me niet.’
Zo willen ook wij eten van dit brood,
drinken uit deze beker,
om hèm te gedenken,
die doorheen de dood
weer tot leven is gekomen,
zo willen wij leven in zijn geest,
met handen vol vrede,
met woorden van leven,
met een hart vol liefde,
vandaag en alle dagen die nog komen gaan.
Zo willen wij bidden
met woorden die Hij ons gegeven heeft:
ONZE VADER, VREDESWENS
VREDESLIED Lied aan het licht – Licht dat ons aanstoot
UITNODIGING AAN DE TAFEL VAN BROOD EN WIJN
Weet dat bij ons in de San Salvator iedereen welkom is om het ons het leven te vieren. Aldus bis ook iedereen uitgenodigd om te delen van brood en wijn. Weet dat je welkom bent aan onze tafel en die van Jezus en de goddelijke Vader.
LIED Nu zijt wellekome
GEBED
Wij bidden in dankbaarheid:
In het begin was het woord,
en het woord was bij God.
Alles is door God ontstaan.
Niets bestaat zonder God.
Het licht schijnt in de duisternis,
en de duisternis kon het niet aan.
God, wees bij onze angst, en ons verdriet,
wees bij ons hier aanwezig.
Amen.
MEDEDELINGEN
SLOTGEDACHTE
Nieuwe dag
Een jonge rabbi vroeg eens aan zijn leerlingen:
‘Hoe kun je weten dat de nacht ten einde is
en de nieuwe dag begint?’
‘Is dat het moment wanneer je van ver
een hond van een schaap kunt onderscheiden?’
vroeg één van de leerlingen.
‘Nee,’ zei de rabbi.
‘Is dat wanneer ja van ver een hulstboom
van een rozenboom kunt onderscheiden?’
vroeg een andere leerling.
‘Nee,’ zei de rabbi.
‘Maar wanneer is dan?’
vroegen de leerlingen.
‘Het is wanneer je in het gezicht van een andere mens
kunt kijken, en je daarin je zus of broer ziet.
Dan is de nacht voorbij
en is de nieuwe dag aangebroken.’
ZEGENWENS
Ik wens jullie, mede namens Franneke Hoeks en het Bestuur van de San Salvator en alle vrijwilligers, Zalig Kerst en veel dromen, visioenen, warmte en licht: dat de zegen van Eeuwige bij je zal zijn, om je te dragen, beschermen en leiden.
De Eeuwige zege en behoede je.
Zij-Hij verheffe haar aangezicht over je en zij je genadig.
Hij doe zijn aanschijn over je lichten en geve je vrede,
vandaag en alle dagen die je zijn gegeven.
+ In de naam van de Vader-Moeder, Zoon en Goede Geest. Amen.SLOTLIED Midden in de winternacht
